St. Vincent – Masseduction

Net als David Bowie verzint St. Vincent bij ieder album een ander archetype voor zichzelf. Bij het verschijnen van Masseduction omschrijft ze zich als ‘dominatrix at the mental institution’. Waar ze haar inspiratie haalde? Simpel, ‘The Cramps meet Guy Bourdin’… Wow, you gotta love St. Vincent!

Eigenlijk is dit jaar alles al gezegd en geschreven over St. Vincent. Iedereen had z’n mening klaar over Masseduction of de Fear The Future-tour. Vooral de verhalen over haar aparte interviewsessies zijn uitgekauwd. Die ga ik hier ook niet samenvatten, google maar of ga naar 3voor12 of de Volkskrant. En ook alle grappen over haar kont pontificaal op de hoes van Masseduction zijn al gemaakt. Gaan we dus ook niet meer doen.

Songs
Dat scheelt, dan kunnen we het gewoon lekker over de muziek hebben. Eerst maar even de platitudes. Dit is het vijfde album van Annie Clark alias St. Vincent. Het is haar meest poppy plaat en tegelijk haar meest persoonlijke. Thema’s? Seks/gender, macht, drugs, depressie. Relaties die uitgaan, helden die dood zijn. Er staan 13 nummers op de plaat en ze zijn allemaal briljant. St. Vincent is er zelf ook redelijk tevreden over. Voor het eerst schreef ze ‘songs with a capital S’, zo zegt ze in een interview. Terecht. Je krijgt ze niet uit je kop.

Pills
Vrij vaak klinken nog vuige, scheurende gitaren (meestal door een batterij elektronica gestuurd), maar eerder dan The Cramps doet het geluid van Masseduction denken aan Miss Kittin, Goldfrapp, Giorgio Moroder en zelfs Lady Gaga. Het is allemaal plastic synthrock, glossy discopop, glitter- en glitchpop en gestoorde electroclash wat we horen. Heerlijk! Het meest extreem pop is het nummer Pills. Over een K3-achtig melodietje zingt St. Vincent iets wat lijkt op een reclame voor de farmaceutische industrie (en tegelijkertijd ook weer helemaal niet): ‘Pills to grow, pills to shrink, pills pills pills and a good stiff drink, pills to fuck, pills to eat, pills pills pills down the kitchen sink’. En nu allemaal meezingen, jongens en meisjes!

Silly
Hoe anders is de afsluiter van de plaat: Smoking Section. Hier klinkt St. Vincent breekbaar en schor en zo depressief dat interviewers zich afvroegen of het wel goed gaat met haar. Zelf zegt ze over het album: ‘It’s a manic panic record. It’s bonkers but I love it. It’s bright melancholy and it’s a lot of sorrow, but sorrow you can jam to…’ Ze maakte bewust een ‘silly’ plaat, zegt ze, want dat is het enige dat je kunt doen als de wereld in brand staat.

Of je doet als David Bowie: je trekt gekke pakjes aan en zingt melancholische liedjes. Dat doet St. Vincent met verve op Happy Birthday, Johnny en New York (‘I have lost a hero’, zingt ze over Bowie, ‘I have lost a friend’, zingt ze over haar ex: topmodel Cara Delevingne, ‘you’re the only motherfucker in the city who can handle me’). Om direct daarna – ook dat is heel Bowie-esque – weer los te barsten met knallende beats en gierende gitaren. Fear The Future!

St. Vincent. Daar kun je veel van vinden. Maar bovenal, you gotta love her.



Alle beste albums van 2017:

 

Sohn – Rennen

Heeft dat vermaledijde verkiezingscircus in de VS vorig jaar toch wat moois opgeleverd. Net als de maar voortgaande klimaatcrisis en vluchtelingenstromen. Ze waren inspiratie voor Sohn en geven zijn album Rennen actuele diepgang.

Gelukkig koos Sohn voor deze weg en stopte hij met de heilloze anonieme songwriter-groepjes in Los Angeles die Rihanna of Selena Gomez moeten voorzien van platgewalst materiaal. Christopher Taylor – alias Sohn – is daar toch veel te kleurrijk voor.

Hoodie wordt Zorro
Zo kleurrijk was Sohn een paar jaar geleden overigens allerminst. De Briste dj/producer was in het donkere Wenen beland, leefde ’s nachts in zijn studio en schuifelde met z’n witte koppie verborgen onder een hoodie door de sneeuw. Dat kon zo niet doorgaan. Gelukkig moest hij voor zaken in LA zijn, ontmoette daar de toekomstige moeder van zijn zoon en woonde tot zijn grote verbazing opeens op een zonnige ranch. En de hoodie werd verruild voor een Zorro-hoed.

Wat een stem!
De muzikale en persoonlijke achtbaan kreeg z’n weerslag op het tweede album dat logischerwijs de titel Rennen meekreeg. Op z’n Duits, want dat vond Taylor krachtiger dan ‘to run’. En hoe klinkt Rennen? Veel opener dan zijn voorganger uit 2014. Daar poetste Sohn zichzelf nog weg achter een muur van gonzende, kwinkelerende elektronica. Christopher Taylor: ‘Als producer moedig ik artiesten aan om hun stem te laten horen, om het te gebruiken als middel om te ontroeren. Maar zelf lapte ik die regel aan mijn laars.’ Dat moest dus anders op Rennen. Want zingen dat kan hij, mán wat een stem!, zowel in kleinschalige r&b als in uitbundige gospel en soul.

Heart and soul
Waar veel elektronische artiesten worstelen met de balans tussen innovatieve geluiden en muziek met ‘heart and soul’, klinkt dat bij Sohn helemaal natuurlijk. Misschien wel door die nieuwe, open productie. Taylor is dan ook een multitalent. Met zijn stem en zijn batterij aan apparatuur maakt hij mooie melancholische dingen, hele poppy songs en soms kan hij goed knallen. Dat kun je ook in één nummer voorbij horen komen, zoals in de afsluiter Harbour. Still Water is dan juist weer een ambient-achtige track met subtiele geluidjes in de onderstroom. En Dead Wrong is gewoon krautrock. De plaat verscheen overigens op het magische label 4AD.

Droevige achtbaan
En dan zijn er nog die politieke nummers. De Amerikaanse verkiezingen komen terug in Primary. Ook die begint als ballad, ditmaal zingt Sohn met gepitchte stem. Is er dan niemand die het verschil kan maken?, vraagt Taylor zich af terwijl de muziek verandert in vrolijke dance. Nee, zo blijkt. En hij eindigt met de woorden ‘Can I wake up now’… gevolgd door een secondenlange stilte.

Conrad gaat over de klimaatopwarming. ‘I can feel it coming, we can never go back’, zingt Sohn vrolijk over een jaren ’80 popsong die ergens doet denken aan Michael Jackson anno Bad.

Maar een van de mooiste tracks is misschien wel het titelnummer. Stil en melancholisch. Dat Rennen gaat niet zozeer over vrolijke Sohn, zo blijkt, maar over wanhoop en opgejaagd zijn. De achtbaan van vluchtelingen of migranten is een stuk minder leuk als die waarin Chris Taylor zit, zo zingt hij droevig.

(En zo is het toch gelukt om een recensie te schrijven over Rennen, zonder één keer de naam James Blake te noemen…)

Dit optreden op Down The Rabbit Hole 2017 zegt het allemaal:

Alle beste albums van 2017:

 

Arca – Arca

Arca. Je haat zijn avant garde elektronica of je vindt het prachtig. Hetzelfde geldt voor de man zelf, de flamboyante homoseksueel met zijn shockerende Spaanstalige teksten. Het draait allemaal om seks, pijn, eenzaamheid. Om castratie, verweesd zijn of de huid afstropen. Lekker dan…

De nu 27-jarige schrijver en producer zat achter een paar van de belangrijkste platen van de laatste jaren. Yeezus van Kanye West komt voor een groot deel uit zijn koker, net als Vulnicura van Björk en de fascinerende LP1 en EP2 van FKA Twigs. (Bekijk/beluister eens Water Me.) Dus wat je ook van Arca vindt, je kunt gewoonweg niet om hem heen.

En 2017 was helemaal het jaar van Arca. Hij zit achter een paar nummers op het album Take Me Apart van Kelela. Hij bereikt grote hoogtes met Björk, op haar album Utopia (daar gaan we het nog over hebben hier). Maar het grootste nieuws is zijn derde soloplaat. Daarop slaat de Brits-Venezolaanse geluidskunstenaar voor het eerst aan het zingen!

Dadaïstisch
Zijn stem is al net zo eigenzinnig als zijn producties. Arca – eigen naam: Alejandro Ghersi – zingt opera-achtig met een hoge kopstem. Een gotische falsetto. Maar hij zingt zacht, broos, bijna fluisterend. Je kunt het ook voorzichtig noemen. Lange tijd durfde Arca zijn stem niet te laten horen, maar Björk trok hem over de schreef. Tegelijkertijd klinkt Arca verheven en engelachtig. Soms geknepen of gekkig. Een enkele keer moest ik denken aan het dadaïstische Lieber Honig van Neu!. Het is nooit een straf om Arca te horen zingen.

Coming-of-age
Dit is de derde plaat van Arca, waarschijnlijk de meest toegankelijke en zeker de meest persoonlijke. Hij heeft dan ook gewoon de titel Arca meegekregen. Logisch, als je voor het eerst teksten voor het voetlicht brengt over je overbeschermde opvoeding en je worsteling met homoseksualiteit – een soort van verlate coming-of-age poëzie. Toegankelijker dan zijn eerdere elektro-bubbels is Arca niet de meest vrolijk stemmende plaat. Kijk alleen al naar het shockerende artwork. Die blauwe plekken… die rotte tanden… Wat wil hij daarmee zeggen? Dat is niet altijd duidelijk, maar beeld en geluid zijn vaak behoorlijk heftig. Kijk ook de clips hieronder.

Zo gelaagd
Tikkende breinaalden, striemende zwepen, schurende tramgeluiden, galmende gebouwen. De techno-tovenaar laat nog heel wat van zijn kunstjes horen. In sonisch opzicht laat het album je alle hoeken van de hemel zien. Noise, folk, beats, glitch en klassiek vloeien makkelijk samen – en passant laat Arca even horen dat hij zich ooit verdiepte in Mendelssohn en Schumann. Het is vaak adembenemend mooi. Hoe groot is dan het contrast met de sfeer en de teksten van alles op Arca. Je voelt de pijn, de leegte en de eenzaamheid. Dat maakt de plaat zo fascinerend. Zo gelaagd. Aan alles hoor je: Dit is niet zomaar een plaat, dit is een statement. Als je Arca haat of versmaad, dan ga je heel wat missen.



Alle beste albums van 2017:

 

Luwten – Luwten

Luwten, dat is lichtvoetig. Luwten, dat is speelsheid. Luwten huppelt. Fluistert. Huivert. Luwten betovert. Luwten is Luwten. De band heet zo en de plaat heet zo. Luwten is beeldschoon.

Luwten heeft een linkje. Een linkje naar Luwten.

Luwten, dat is Tessa Douwstra. Zij schreef en zong alles. Luwten is Frank Wienk. Producer. Geluidsmaker. Ook wel Binkbeat genoemd. Bekend van Kyteman. Luwten, dat is twee jaar bikkelen. Om te maken.

Luwten, dat is tududududududududu. Dat zingt Tessa.

Luwten is de ultieme popsong. Maar dan anders. Luwten is de zware beat wegdraaien. En dan alleen wat ruis laten. Voor optimaal effect. Of zacht getik. Ondoorgrondelijk gegons. Luwten, dat is experimenteren. Maar melodisch, hè. Luwten biedt allerlei houvast.

Luwten is een herhalende pianotoon. Luwten, dat is ping ping ping ping ping ping. Luwten is opbouwen naar minimal music. Waarvoor Philip Glass zich niet hoeft te schamen. Maar dan – hé dat is ook Luwten – opeens een folky popdeuntje. Dat is In Over My Head. Typisch Luwten. Luwten is leuk!

Lekker anders.

Luwten, dat is geluidsexperiment. Luwten is Binkbeats in de weer. Met samples. Ie ie ie ie ie ie. Met metalen platen. Met muzikanten. Marimba. Guitaret. Hoorn. Spinet. Luwten, dat is lekker opnemen. Op allerlei locaties. Luwten, dat is een feestje om te maken. Zeggen Douwstra en Binkbeats. En dat kun je horen. Luwten, dat is aanklooien. Maar nuttig aanklooien. Spelen met resultaat. Luwten, dat is rijkelijk. Kleurrijk. Luwten is nooit saai.

Luwten, dat is zelf je plaat uitbrengen. Luwten is Double For Me. Zo heet een nummer op de plaat en zo heet het label. Luwten is zelf doen. Omdat niemand met een goed bod komt. Maakt niet uit. Luwten ligt er toch? Nou dan. Luwten is Luwten.

Lekker Luwten.

Luwten is stukkies. In de kranten. Trouw zegt zonderling. Luwten moet vast lachen. Luwten, dat is weg van de drukte. Zegt Trouw terecht. Luwten, dat is ook een beetje The xx. Klopt soms. Luwten, dat is precisiewerk. Zachtaardig ook. Zegt de Volkskrant. Nooit opdringerig, maar opvallend genoeg.

Beetje Eefje de Visser ook.

Luwten is liedjes. Luwten, dat is een singletje. Dat is Go Honey. Dat is een bescheiden hitje. Luwten, dat is een terecht hitje. Maar dat is onterecht bescheiden. Luwten had al veel bekender moeten zijn. Luwten, daar lopen journalisten mee weg. Maar Luwten moet van iedereen zijn.

Luwten is op YouTube. Met band.


Alle beste albums van 2017:

 

Joseph Shabason – Aytche

Het is hem gelukt. Ergens in een interview vertelde Joseph Shabason over de eerste keer dat hij Fourth World, Vol. 1: Possible Musics van Jon Hassell en Brian Eno hoorde. Zulke gekke geluiden, zulke solo’s, zo’n impact, dat wilde hij ook maken. Nou, Aytche, de eerste soloplaat van Shabason grijpt je op dezelfde manier! Het enige verschil is: Jon Hassell betoverde je met zijn trompet, Joseph Shabason doet het met de sax.

Dat hadden we niet direct achter hem gezocht. Joseph Shabason komt uit Canada, is lid van de band Destroyer en werkte met The War On Drugs. Maar dat klinkt totaal anders dan Aytche (wat je uitspreekt als het Engelse ‘8’ – vraag me niet waarom). De muziek op Shabason’s soloplaat houdt het midden tussen jazz, ambient en experimenteel elektronisch. Shabason gebruikt veel field recordings: er klinken vogels, ergens hoor je een hond blaffen. Heel bijzonder is het nummer Chopping Wood, waarop hij een Albert Ayler-achtige freejazz-solo speelt, ritmisch begeleid door het hakken van haardhout.

Dense chordal texture
Het meest in de buurt van de beroemde Hassell/Eno-plaat komen nummers als Long Swim en Looking Forward To Something, Dude. Zoals Jon Hassell destijds zijn trompet een onverklaarbaar geluid meegaf, zo klinkt nu de sax van Shabason. Die wordt door allerlei elektronica gehaald, gedubd en soms wordt een partij meermalen over elkaar ingespeeld – met een soort buitenaardse vibrato als gevolg. Zelf omschrijft hij dit saxofoongeluid als ‘dense chordal texture’. Een typering die bijna 38 jaar geleden ook zou kunnen opgaan voor Hassell’s getrompetter (Fourth World verscheen eind januari 1980) – en nog steeds trouwens, want de nu 80-jarige Hassell doet rustiger aan, maar heeft zijn instrument nog niet aan de wilgen gehangen.

Brutal tracks
Er staan ook een paar ‘brutal’ tracks op Aytche. Op Smokestack en vooral Belching Smoke wordt het softe saxofoonkoor opeens ondersteund door rauwe gitaarklanken. Zoals op alle tracks op deze plaat, wordt het erg spannend als je er aandacht aan geeft. Bijvoorbeeld als je luistert met oortjes in of koptelefoon op. Tegelijkertijd wordt Shabason’s muziek niet opdringerig als je er wat minder aandacht aan geeft – zoals ambient hoort te zijn. Oppervlakkig gezien is Aytche een easy-going plaat, maar het album heeft een geheimzinnige, mystieke, soms wat donkere onderstroom vol subtiele sonische avonturen.

Holocaust en Parkinson
Wat je ook met deze info of deze plaat doet, geef in ieder geval het nummer Westmeath de aandacht die het behoeft. Het is een van de nummers waarop multi-instrumentalist Shabason zijn sax neerlegt en zich helemaal toelegt op synthesizers en samples. Het is ook het enige nummer waarop de menselijke stem (gesampled) is te horen. Een onbekende man mompelt: ‘My father died in ‘76’. Uit een bed van elektronische klanken valt daarna nog veel op te maken. Zoals: ‘The pain was too much for him… last act of individual strength…’ Waar gáát dit over? Shabason laat het in het midden. Hij is kleinzoon van overlevenden van de holocaust. Zijn schoonvader kampte met de progressieve ziekte Parkinson. Zo treurig, hij was professor en ‘his mind was his everything’ aldus Joseph Shabason. Zijn moeder heeft kort geleden dezelfde diagnose gekregen…

Hoe dan ook. De saxofonist heeft filmer Maxwell McCabe-Lokos een clip laten maken bij Westmeath. Die is tot tranen toe ontroerend – kijk hem helemaal uit.



Alle beste albums van 2017:

 

LCD Soundsystem – american dream

De vrienden van VPRO 3voor12 en die van Muziekkrant OOR verkozen american dream van LCD Soundsystem tot album van het jaar. Ik ben het daar niet helemaaaal mee eens, maar ik kan het goed begrijpen. LCD Soundsystem maakte in 2017 de beste plaat uit haar bestaan. En dat terwijl het niet eens de bedoeling was dat er nog eentje zou komen, een reünie leek niet zo’n goed idee. Maar dankzij David Bowie rees de band op uit haar graf en kwam een jaar later met american dream op de proppen.

LCD Soundsystem is al meer dan vijftien jaar vooral het project van James Murphy, die ook meewerkte aan David Bowie’s laatste twee platen. In die tijd twijfelde Murphy over een herstart van zijn soundsystem. ‘Voel je je er ongemakkelijk bij?’ vroeg Bowie. ‘Ja’, zei Murhy. ‘Dan moet je het doen’, aldus Bowie.

Improvements
Misschien is de zegen van de mentor een reden dat american dream soms wat Bowie-esque klinkt (het ambient-achtige black screen is opgezet als een soort postume brief aan Bowie). Maar je hoort ook flarden Talking Heads (de polyritmische artfunk van other voices en change yr mind doet denken aan Remain In Light!), Joy Division/New Order (i used to), Suïcide (oh baby is het spiegelbeeld van hun Cheree) en punk (emotional haircut) doorkomen. De verwijzingen zijn heel wat talrijker en kleurrijker dan begin jaren ’00 toen het vooral ging om Daft Punk, dat bij Murphy thuis speelde. Alleen: de energie is anders. Cutting-edge dance is LCD niet meer. Logisch, James Murphy wordt een dagje ouder. Zelf zingt hij op tonite: ‘ You’re getting older and there’s improvements/ unless you’re such a winner that the future’s a nightmare’. En er is zeker veel verbeterd.

Afscheid
Het gekke is: met american dream maakt LCD Soundsystem een doorstart. Maar de teksten gaan allemaal over afscheid. Een afscheidskus voor een geliefde (oh baby), een sarcastische trap na voor de vriend/zakenpartner die Murphy bedonderde (how do you sleep?), afscheid van Bowie of het einde van de Amerikaanse droom in het titelnummer en call the police. Deze plaat van LCD Soundsystem heeft een duister kantje. Het is niet altijd leuk in Murphy’s universum. Maar ook voor twijfelende luisteraars geldt het credo van Bowie: Voel je je er ongemakkelijk bij? Dan moet je het doen.

Alle beste albums van 2017:

 

Linde Schöne – Linde van Nimma

‘Het voelt alsof ik in een lavalamp zit, want alles voelt zo blurry om me heen.’

De jonge Linde Schöne verkeerde ooit drie maanden in een psychose. Naar eigen zeggen dacht de Nijmeegse dat ze Jezus was en dat ze kon praten met Freddie Mercury. Ze was toen overtuigd dat ze al zo beroemd als Beyoncé was en mailde iedereen in de Nederlandse hiphopscene hierover.

Je zou denken: dan begint je carrière met een achterstand, maar als je Linde Schöne heet dan is alles anders dan anders. Eenmaal backstage bij rapper en labelbaas Jiggy Djé zei ze dat ze écht muzikante was. ‘Okee, stuur maar een demo op’, antwoordde die. Inmiddels is haar tweede plaat op toplabel Noah’s Ark een feit.

Seks en schaamte
Linde van Nimma heet die tweede. Het is een verwijzing naar het middeleeuwse verhaal Mariken van Nieumeghen. ‘Een meisje dat alleen maar zondige shit doet, maar uiteindelijk tot inkeer komt’, aldus Linde Schöne. Veel teksten op Linde van Nimma (Nijmegen, jeweettoch) gaan over seks, schaamte en eigenwaarde. De Nijmeegse schone vertelt openhartig dat ze zichzelf zag als hiphop-‘hoe’ en het aantal jongens waarmee ze het bed deelde is niet te tellen. Mensen schijnen soms wat moeite te hebben met haar (s)expliciete teksten. Want zij is geen Ariana Grande, maatje 34, maar een struise maat 42 r&b-zangeres. ‘Dat soort shit maakt mensen ongemakkelijk’, aldus Schöne.

Spannende stem
De zwarte kanten zijn haar leven een beetje uit, zo lijkt het. De 24-jarige heeft al bijna twee jaar een vaste relatie met DJ Boeboe, die meteen ook haar vaste producer is. Hij maakt geweldige backing tracks, met intelligente beats en subtiele gitaar- en pianopartijen. Maar wat Linde van Nimma vooral zo bijzonder maakt? Die stem… die spannende stem… De Nijmeegse zingt loepzuiver, krachtig en geil (maar ‘geil’ vindt ze zelf zo’n lelijk woord). Phew! Het enige nadeel aan dit schijfje van Schöne is dat ‘ie zo kort duurt. De EP telt in totaal maar 27 minuten.

Koningin
Dus vergeet zo’n Roxeanne Hazes. Linde Schöne gaat Nederland veroveren. Of zoals ze zelf zegt: ‘Uiteindelijk wil ik de koningin van de Nederlandse R&B zijn. Alhoewel de koningin van iets zijn juist alleen maar seksisme in stand houdt. Maar toch, ik wil de Anouk-status bereiken. Ik wil gewoon koningin van de Nederlandse popmuziek worden. Nee fuck dat, gewoon koningin van de Nederlandse muziek… haha. Oh shit, houd me tegen: mijn grootheidswaanzin komt terug… haha.’

Noah’s Ark vat het kernachtig samen in een persbericht: ‘Er was geen artieste zoals Linde Schöne. Nu dus wel.’



Alle beste albums van 2017:

 

Jacaszek – Kwiaty

Restopnamen van een onbekende Poolse componist en een anthologie van Engelse metafysische laat-renaissancepoëzie. Heel veel saaier zal het wel niet worden, denk je dan. Toch vormen die twee elementen de basis van een album vol desolate, melancholische, subtiele schoonheid: Kwiaty van Jacaszek.

Onbekend? Hier in Nederland misschien wel. Niet te vinden in onze krantenarchieven of te googlen in het Nederlands… Maar componist Michal Jacaszek brengt al meer dan tien jaar platen uit die balanceren op de grens van elektronisch experimenteel en modern klassiek. (Een van de hoogtepunten is het album Treny uit 2008.) Soms is hij van het grote gebaar, soms is hij suikerzoet – vaak gebruikt hij field recordings. En zijn melodieën zijn altijd dramatisch, emotioneel. Alleen op Kwiaty – Pools voor ‘bloemen’ – werkt hij net iets anders. Met zangeressen. Op het eerste gehoor lijkt het allemaal ietsje koud. En dat is vreemd.

Lees-zingen
De bloemeninspiratie komt nu van de dichter Robert Herrick, uit de anthologie van 17e eeuwse Engelse poëzie. ‘Simpele, pure, prachtige gedichten’, vindt Michal Jacaszek, ‘over dood, pijn, verlangen, eenzaamheid, maar ze bieden hoop, troost en vrede’. En ze klinken al als songs als je ze hardop voorleest. Dus dat is wat Jacaszek liet doen. Hij vroeg zangeressen Hania Malarowska, Joasia Sobowiec-Jamiol en Natalia Grzebala om ze te lees-zingen en bewerkte eigen niet-uitgebrachte opnamen als begeleiding.

Vrieskou weg
Het resultaat is betoverend en delicaat. De zangeressen klinken wel wat lijzig en ijzig, en tussen fragmentarische samples door, maar dat past prima bij de desolate sfeer van de plaat en de gedichten. Ze liggen ook wat achter in de mix. Zo blijft de nadruk op de spannende electro-akoestische klanken van Jacaszek zelf. In de muziek gebeurt heel veel wat je op het eerste gehoor niet hoort. Geef de plaat een paar draaibeurten en het laagje vrieskou die je er eerst in hoorde – en die eigenlijk zo niet des Jacaszeks is – smelt weg.

Arcadisch
Wat je daar voor terug krijgt? Vooral nostalgie. Kwiaty klinkt alsof je door een antiekwinkeltje dwaalt, vol verweerde boeken (anthologieën), oud speelgoed, sepia foto’s. En onder het stof vindt je oude schilderijen met titels als Daffodils, To Violets, Gardens, White Island en To Blossoms. Dat zijn de arcadische bloemen en landschappen waar Herrick over schreef en die Jacaszek verwerkt tot iets ongrijpbaars en veelzijdigs. Iets wat geen moment saai is.



Alle beste albums van 2017: