Biosphere – The Hilvarenbeek Recordings

Het begint met ruisende wind over wuivend gras – gek eigenlijk hoe oorverdovend dat kan klinken. Daarna vogels in de verte. Er gaat een vliegtuig over. We horen boer Jan zijn koeien roepen: “Hee, heja! Kómaan! Kom kom kom!” De koeien loeien. En dan gaat de veldopname over in een zachte elektronische pulse met een diepe baslijn. Welkom in Hilvarenbeek. ’s Nachts hoor je er een onrustig fladderende vleermuis (in het stuk met de Latijnse naam voor vleermuis: Pipistrellus) en schreeuwende en fluitende uilen (in Strigiformes). We brengen geluidsbezoekjes aan natuurgebied de Rovertse Heide en aan molen De Doornboom met ratelende en bonkende maalkoppels die fascinerende repetitieve ritmes voortbrengen.

The Hilvarenbeek Recordings van Biosphere klinkt vooral pastoraal. De natuur speelt de hoofdrol omdat Biosphere – het pseudoniem van de Noor Geir Jensen – field recordings heel subtiel aanvult met muziek, als een licht laagje onder het Brabantse geluid, of soms met helemaal niets zoals bij de vleermuis of in De Doornboom. Soms zijn er geen veldopnames maar verklankt Jensen zelf het landschap, zoals in Rovertse Heide of Hilsondis, de adellijke vrouw uit de tiende eeuw na Christus die de plaats Hilvarenbeek haar naam gaf. Het is vaak heel loom, dromerig en verstild als een warme zomerdag. Luister bijvoorbeeld maar naar het voorzichtige Audax of uitsmijter Icoon die teruggrijpt op de opener ’t Schop. En zo is de cirkel weer rond.

Meestal zijn het spectaculaire plaatsen waar Biosphere, al drie decennialang
ambient-grootheid, zijn opnamen maakt. Zoals Spitsbergen, waar hij vandaan komt, de woestijn bij Los Alamos in de Verenigde Staten waar atoomproeven werden gedaan of de reis van de voet naar de top van een van de hoogste bergen in de Himalaya. Maar hij maakt net zo makkelijk iets boeiends van het West-Brabantse landleven. In 2013 werd Geir Jensen door het festival Incubate uitgenodigd om een week lang veldopnamen te maken bij biologische boerderij ’t Schop van boer Jan van den Broek in Hilvarenbeek, om die te verwerken in muziek. Het werd een ultieme ambient-plaat, eentje die zich in de geest van grondlegger Brian Eno nergens opdringt – je hoeft er niet naar te luisteren, er zit weinig spanning in. Heel comfortabel, maar waarop tegelijkertijd heel veel spannends gebeurt.

Vier van de tracks werden in 2016 op een EP uitgebracht zonder dat Jensen er van wist. Toen ‘ie er achter kwam, liet hij de plaat uit de handel nemen. Pas aangevuld tot acht tracks was zijn sonische verbeelding van het Brabantse platteland compleet en zag een volwaardig The Hilvarenbeek Recordings in mei van dit jaar het levenslicht. Die is alleen al door zijn hoes de moeite waard. Die is mooi om bij weg te dromen als je luister naar het beste werk van Biosphere sinds jaren.

Alle beste albums van 2018:

Joseph Shabason – Aytche

Het is hem gelukt. Ergens in een interview vertelde Joseph Shabason over de eerste keer dat hij Fourth World, Vol. 1: Possible Musics van Jon Hassell en Brian Eno hoorde. Zulke gekke geluiden, zulke solo’s, zo’n impact, dat wilde hij ook maken. Nou, Aytche, de eerste soloplaat van Shabason grijpt je op dezelfde manier! Het enige verschil is: Jon Hassell betoverde je met zijn trompet, Joseph Shabason doet het met de sax.

Dat hadden we niet direct achter hem gezocht. Joseph Shabason komt uit Canada, is lid van de band Destroyer en werkte met The War On Drugs. Maar dat klinkt totaal anders dan Aytche (wat je uitspreekt als het Engelse ‘8’ – vraag me niet waarom). De muziek op Shabason’s soloplaat houdt het midden tussen jazz, ambient en experimenteel elektronisch. Shabason gebruikt veel field recordings: er klinken vogels, ergens hoor je een hond blaffen. Heel bijzonder is het nummer Chopping Wood, waarop hij een Albert Ayler-achtige freejazz-solo speelt, ritmisch begeleid door het hakken van haardhout.

Dense chordal texture
Het meest in de buurt van de beroemde Hassell/Eno-plaat komen nummers als Long Swim en Looking Forward To Something, Dude. Zoals Jon Hassell destijds zijn trompet een onverklaarbaar geluid meegaf, zo klinkt nu de sax van Shabason. Die wordt door allerlei elektronica gehaald, gedubd en soms wordt een partij meermalen over elkaar ingespeeld – met een soort buitenaardse vibrato als gevolg. Zelf omschrijft hij dit saxofoongeluid als ‘dense chordal texture’. Een typering die bijna 38 jaar geleden ook zou kunnen opgaan voor Hassell’s getrompetter (Fourth World verscheen eind januari 1980) – en nog steeds trouwens, want de nu 80-jarige Hassell doet rustiger aan, maar heeft zijn instrument nog niet aan de wilgen gehangen.

Brutal tracks
Er staan ook een paar ‘brutal’ tracks op Aytche. Op Smokestack en vooral Belching Smoke wordt het softe saxofoonkoor opeens ondersteund door rauwe gitaarklanken. Zoals op alle tracks op deze plaat, wordt het erg spannend als je er aandacht aan geeft. Bijvoorbeeld als je luistert met oortjes in of koptelefoon op. Tegelijkertijd wordt Shabason’s muziek niet opdringerig als je er wat minder aandacht aan geeft – zoals ambient hoort te zijn. Oppervlakkig gezien is Aytche een easy-going plaat, maar het album heeft een geheimzinnige, mystieke, soms wat donkere onderstroom vol subtiele sonische avonturen.

Holocaust en Parkinson
Wat je ook met deze info of deze plaat doet, geef in ieder geval het nummer Westmeath de aandacht die het behoeft. Het is een van de nummers waarop multi-instrumentalist Shabason zijn sax neerlegt en zich helemaal toelegt op synthesizers en samples. Het is ook het enige nummer waarop de menselijke stem (gesampled) is te horen. Een onbekende man mompelt: ‘My father died in ‘76’. Uit een bed van elektronische klanken valt daarna nog veel op te maken. Zoals: ‘The pain was too much for him… last act of individual strength…’ Waar gáát dit over? Shabason laat het in het midden. Hij is kleinzoon van overlevenden van de holocaust. Zijn schoonvader kampte met de progressieve ziekte Parkinson. Zo treurig, hij was professor en ‘his mind was his everything’ aldus Joseph Shabason. Zijn moeder heeft kort geleden dezelfde diagnose gekregen…

Hoe dan ook. De saxofonist heeft filmer Maxwell McCabe-Lokos een clip laten maken bij Westmeath. Die is tot tranen toe ontroerend – kijk hem helemaal uit.



Alle beste albums van 2017: