Lyra Pramuk – Hymnal

Tijdens de voorbereidingen voor dit album nam Lyra Pramuk op in een houten huisje ergens in de Dolomieten. Ze stond op het balkon, keek naar het uitzicht en moest huilen.

De bergen tegenover haar waren slachtoffer van een klimaatramp. Tijdens de extreme stormen in 2018 werden veertien miljoen bomen ontworteld. De destructie van de eeuwenoude natuur was toe te schrijven aan de mens, concludeerde ze. Het raakte haar persoonlijk. “The mountains are literally scarred, and I have a lot of scars from surgeries that I’ve had as a trans person, so I felt connected tot he land in this very deep way”, zo vertelde ze later aan webmagazine Hearing Things. “Our arrogance as a society has caused me pain that is also causing these mountains devastation in other ways, and just to be with that, you sing very differently. The Dolomites are so ancestral, you can’t help but feel very small in their presence, and I wanted human beings to feel small on this album.”

Samenwerken met schimmels

Hoe doe je dat dan? Door de natuur haar werk te laten doen, zo bedacht Lyra Pramuk. Het leidde tot een hele bijzondere samenwerking… met schimmels. Allereerst vroeg de 35-jarige componist en producer haar vriendin Nadia Marcus om gedichten te schrijven. Maar Pramuk wilde die niet een-op-een gebruiken in haar muziek. Ze wendde zich tot een andere vriendin: ‘biokunstenaar’ Jenna Sutela. Samen met haar zocht ze een slijmschimmel uit – de Physarum Polycephalum om precies te zijn – om met de woorden aan de slag te gaan. Hoe dat precies in zijn werk ging? “We made something like a bingo board with a few key phrases from the poems, and put the slime mold in each corner and let them grow over the board. I was limited to go only in the direction that the slime mold went. It was like a randomized limitation system, and a collaboration with this incredible creature.”

Melancholiek minimaal

Met de uitkomsten ging de componiste en producer uit Berlijn weer verder. Net als op haar ‘avant-garde a-capella’ debuutalbum (Fountain uit 2020) nam Pramuk zichzelf keer op keer op, knipte en plakte de opnames en ze vertraagde, versnelde en bewerkte haar eigen stemmen. Tegelijkertijd voegde het Berlijnse Sonar Quartet melancholieke maar minimal music-achtige strijkpartijen toe. Daarmee was de kous nog niet af. Ze voerde alle opnames aan een CDJ-mixer, monteerde de stukken en voegde er bas en beats aan toe – de klassiek geschoolde Lyra Pramuk is immers ook gepokt en gemazeld in de Berlijnse techno-scene.

Massaal maximaal

Het moge duidelijk zijn dat deze werkwijze geen frisse lichtzinnige popliedjes opleverde. Nee, je kunt de veertien stukken op Hymnal gerust zware kost noemen. Je moet er voor werken om ze te bevatten. Hymnal is hermetisch maar rijk: het album is onconventioneel, overvol en onnavolgbaar. Als je eenmaal bent doorgedrongen, dan hoor je hoe de massale, maximale muziek tegelijkertijd hemels en aards is – letterlijk: het voelt alsof je met je tenen woelt door de natte aarde. Hymnal is tactiel en surrealistisch. Neonkleurige paddenstoelen, zwermen vuurvliegjes, krioelende pissebedden… Hymnal is doordrongen van leven. Het is een wereld in zichzelf: het album voelt alsof je het middelpunt bent in een web of netwerk van schimmels.

Honderd jaar terug en vooruit

De strijkers met die beats… het doet in de verte een beetje denken aan albums als Homogenic of Fossora van Björk. Journalisten vergelijken Lyra Pramuk ook wel met Laurie Anderson en Meredith Monk. De cyclische composities op Hymnal gaan terug op het werk van Steve Reich en Terry Riley – die ze zelf ook noemt als invloeden. En ondanks de instrumentatie staat het album met beide benen in de clubscene. Maar bovenal heeft Lyra Pramuk een geheel eigen geluid gevonden, iets van honderd jaar geleden maar ook honderd jaar in de toekomst. En dat gewoon tegelijkertijd.



Alle beste albums van 2025:


Geef een reactie