Loscil – Lake Fire

In het begin van dit jaar werd mijn 85-jarige moeder ziek. Het bleek darmkanker, de uitzaaiingen zaten door haar hele lichaam. Ze besloot dat ze niet behandeld wilde worden. Ze ging naar een hospice en samen met haar huisarts hebben we een euthanasietraject ingezet. Zij en wij hebben nog een mooie tijd beleefd in haar laatste dagen. Verdrietig maar berustend. Het was goed zo. 

Ik ben altijd op zoek naar nieuwe muziek, struin blogs en release radars af en beluister alles wat maar een beetje interessant lijkt. Ook in deze moeilijke periode met mijn moeder deed ik dat. Maar het ging met minder enthousiasme, een beetje op de automatische piloot. Ik was er met mijn hoofd niet bij. Aan het einde van een mensenleven blik je niet vooruit, maar kijk je nostalgisch terug. Ik draaide vooral veel oude platen, ook de dingen die mijn moeder mooi vond, en ik liet me troosten door mijn helden van vroeger. (Een concert van Blaine L. Reininger in een klein zaaltje in Utrecht hield me op de been. Hij speelde veel werk van Tuxedomoon en zijn onvolprezen soloplaten Broken Fingers uit 1982 en Night Air uit 1983. Achteraf bleek het ook nog eens een uiterst aimabel man, we spraken uitgebreid over zijn verhuizing van San Francisco naar Brussel destijds en zijn reizen langs de alternatieve scenes in alle Europese steden.)   

Het was tijdens de ziekte van mijn moeder dat Lake Fire uitkwam, de zoveelste plaat van Loscil (ik ben de tel allang kwijt). Loscil is Scott Morgan uit Vancouver, die altijd werd gezien als het Canadese antwoord op de Europeanen die werk uitbrengen op labels als Kompakt en Mille Plateaux. Artiesten die uitgaande van techno steeds abstracter gingen werken en uitkwamen bij intense ambient en glitch. Dus die nieuwe plaat moest ik horen… Je kunt het je misschien wel voorstellen: hoe mooi en verstild ook, de plaat kwam totaal niet bij me binnen. Ik was Lake Fire dan ook al bijna vergeten toen ik ‘m weer tegenkwam in het eindejaarslijstje van Bob Rusche, presentator van XRated op de Concertzender en kenner van alle soorten (dark) ambient. Ik besloot Loscil een tweede kans te geven.

Gelukkig maar, want ditmaal was ik direct verkocht. Loscil klinkt meestal kristalhelder en smooth, maar door een iets andere werkwijze is Lake Fire veel rauwer. Dat grijpt je bij de strot. De verstilling die we zo goed kennen, gaat hier hand in hand met een groot drama. Het album staat in het teken van natuurbranden die ervoor zorgen dat bossen zich weer kunnen verjongen. Een mooi fenomeen, maar door klimaatverandering is dat volledig uit de hand gelopen. Het leidde begin dit jaar tot de verschrikkelijke bosbranden rond Los Angeles – die we nog veel vaker kunnen verwachten als ‘het nieuwe normaal’ aan de West Coast van Amerika.

Scott Morgan beschrijft in geluid de pure horror die hij door zijn autoraampjes ziet. Het leidt tot aangrijpende nummers met veelzeggende titels als Bell Flame, Spark, Ash Clouds en Candling. De muziek is subtiel, organisch, maar ook donker en dreigend, en soms een beetje sci-fi-achtig (Scott Morgan gebruikt dezelfde synthesizers als Vangelis deed voor de soundtrack van Blade Runner). Soms is er een aanzet van een ritme, maar verder dan dat gaat het niet. Maar wat is nou precies die andere werkwijze die Loscil hier hanteerde? Hij nam het geluid van een in elkaar gelijmde oude gitaar en samplede dat om keer op keer opnieuw te samplen en steeds iets te bewerken. Zo ontstond dat rauwe en rokerige geluid dat het thema zo nodig heeft.

Dit is een van de zwaarste albums die Loscil ooit heeft gemaakt. Als statement kan het zich meten aan belangrijke albums als The Disintegration Loops van William Basinski, Four Rooms van Jakob Kirkegaard en Kyiv Eternal van Heinali. Een waarschuwing, maar een prachtige waarschuwing. Dankjewel Bob Rusche, dat je me hier nog eventjes op wees.



Alle beste albums van 2025:


Four Rooms: David Lynch in Tsjernobyl

Vandaag dertig jaar geleden ontplofte de kernreactor in Tsjernobyl. Het gebied werd meteen hermetisch afgesloten. Inmiddels raakt het weer bewoond en is Tsjernobyl zelfs een toeristische trekpleister. Maar jarenlang was het hier – letterlijk – doodstil. Die stilte is tot de tiende macht te horen op de cd Four Rooms (2006) van Jacob Kirkegaard.

4rooms

Openluchtmuseum
Zo schokkend als de radioactieve ramp was (al wisten we in 1986 door de Sovjetcensuur niks over de hals-over-kop deportaties of de ‘schoonmaakploegen’ die slechts 40 seconden buiten mochten werken), zo surrealistisch was de situatie in de jaren daarop. De straal rond Tsjernobyl werd het Pompeii van de 20e eeuw. Niet de explosie zette de tijd stil, maar de (veel te late) deportaties. Omringd door zieke roodverkleurde bossen zonder zingende vogels, lag hier een verlaten wereld. Het meest treffende beeld is nog wel dat van een eenzaam roestend reuzenrad. De zone werd een bizar en onbereikbaar openluchtmuseum. Terwijl de Sovjet-Unie uit elkaar viel, lagen hier de gedetailleerde sporen van het leven in een communistische modelstad als Pripyat onaangeroerd. Voer voor moderne archeologen. Maar ja, die straling…

kirkegaard1

Alienation
En voer voor romantici. Want wat een desolate plek moet die ‘zone of alienation’ zijn geweest! (Nog steeds, trouwens, de toeristen ten spijt.) En dat gevoel wilde de Deense geluidskunstenaar Jacob Kirkegaard in 2006 hoorbaar maken. Hij nam de indringende stilte op in vier gebouwen, waar de wind de opnamen niet zou storen. Telkens iets meer dan tien minuten lang. Vervolgens speelde hij de tape in dezelfde kamer af, en registreerde dat mengsel van opgenomen en werkelijke stilte opnieuw. Dit proces herhaalde hij telkens tien keer.

kirkegaard2

Lugubere subtiliteiten
Zo worden de stiltes in de vier kamers (in een school, een auditorium, een zwembad en een kerk) uitvergroot tot een soort van ruisende klanksculpturen. Ambient music, met een beetje goede wil. Het lijkt saai, zo’n conceptuele, bijna theoretische aanpak. Maar alle vier de ‘stiltes’ hebben een heel eigen klankkleur. En er gebeurt genoeg. Als je aandachtig luister hoor je hele lugubere subtiliteiten. Wat is bijvoorbeeld die hoge toon die opeens opdoemt in het auditorium? De opname in de kerk klinkt helemaal spookachtig: met een beetje fantasie hoor je hier het kerkorgel nog naresoneren van de reactorklap. Voor alle tracks geldt: je voelt de ultieme eenzaamheid, het verval en het onzichtbare maar overal aanwezige gevaar. Maar op een vreemde manier zijn dit geen depressieve stukken. Ze klinken eerder licht. Four Rooms heeft dezelfde beklemmende en surrealistische schoonheid als de beste David Lynch-films.

Een bijzonder stuk geschiedschrijving in geluid.


Dit stuk is eerder geschreven voor het webmagazine Eeuwig Weekend.