LCD Soundsystem – american dream

De vrienden van VPRO 3voor12 en die van Muziekkrant OOR verkozen american dream van LCD Soundsystem tot album van het jaar. Ik ben het daar niet helemaaaal mee eens, maar ik kan het goed begrijpen. LCD Soundsystem maakte in 2017 de beste plaat uit haar bestaan. En dat terwijl het niet eens de bedoeling was dat er nog eentje zou komen, een reünie leek niet zo’n goed idee. Maar dankzij David Bowie rees de band op uit haar graf en kwam een jaar later met american dream op de proppen.

LCD Soundsystem is al meer dan vijftien jaar vooral het project van James Murphy, die ook meewerkte aan David Bowie’s laatste twee platen. In die tijd twijfelde Murphy over een herstart van zijn soundsystem. ‘Voel je je er ongemakkelijk bij?’ vroeg Bowie. ‘Ja’, zei Murhy. ‘Dan moet je het doen’, aldus Bowie.

Improvements
Misschien is de zegen van de mentor een reden dat american dream soms wat Bowie-esque klinkt (het ambient-achtige black screen is opgezet als een soort postume brief aan Bowie). Maar je hoort ook flarden Talking Heads (de polyritmische artfunk van other voices en change yr mind doet denken aan Remain In Light!), Joy Division/New Order (i used to), Suïcide (oh baby is het spiegelbeeld van hun Cheree) en punk (emotional haircut) doorkomen. De verwijzingen zijn heel wat talrijker en kleurrijker dan begin jaren ’00 toen het vooral ging om Daft Punk, dat bij Murphy thuis speelde. Alleen: de energie is anders. Cutting-edge dance is LCD niet meer. Logisch, James Murphy wordt een dagje ouder. Zelf zingt hij op tonite: ‘ You’re getting older and there’s improvements/ unless you’re such a winner that the future’s a nightmare’. En er is zeker veel verbeterd.

Afscheid
Het gekke is: met american dream maakt LCD Soundsystem een doorstart. Maar de teksten gaan allemaal over afscheid. Een afscheidskus voor een geliefde (oh baby), een sarcastische trap na voor de vriend/zakenpartner die Murphy bedonderde (how do you sleep?), afscheid van Bowie of het einde van de Amerikaanse droom in het titelnummer en call the police. Deze plaat van LCD Soundsystem heeft een duister kantje. Het is niet altijd leuk in Murphy’s universum. Maar ook voor twijfelende luisteraars geldt het credo van Bowie: Voel je je er ongemakkelijk bij? Dan moet je het doen.

–

Alle beste albums van 2017:

 

Bones en Oogie

(Vorige maand overleed mijn grote held David Bowie. In 2003 schreef ik dit stuk voor het legendarisch obscure internetmagazine NU WIJ WEER!. Opeens moest ik hier weer aan denken. Dankjewel, David Bowie, voor al het moois dat je bracht.)

Op een cd van David Bowie uit 2002 staat het nummer Slip Away. Het is een van de hoogtepunten uit ’s mans werk. Slip Away is slepend, en wordt dramatisch gebracht. Maar waar gaat het nummer in godsnaam over? Deze week stond ik in Ahoy en kreeg het antwoord van meneer Bowie himself. Op de setlist van het concert in Rotterdam stond ook Slip Away. Het werd aangekondigd als een ode aan ‘helden die we allang zijn vergeten’. En tijdens het nummer zagen we op het videoscherm Bones en Oogie voorbijkomen, afgewisseld met melancholische beelden van Coney Island.

oogie1

Bones en Oogie zijn karakters uit The Uncle Floyd-show, een corny kinderserie uit de jaren zeventig die nu hopeloos verouderd aandoet. De Bones en Oogie’s van Nederland zijn bijvoorbeeld Bassie (van Adriaan), Jaap Stobbe van De Poppenkraam, Bolke de Beer of de Jan Klaassen en Katrijn uit De Film van Ome Willem. Poppen en clowns die – ondanks hun steevast sardonische grijns – dertigers in hun hart koesteren. Nostalgie als remedie tegen bange oorlogsdagen, juist zo aantrekkelijk omdat de figuren elk contact met het heden hebben verloren.

Don’t forget to keep your head warm
Twinkle twinkle Uncle Floyd
Watching all the world and war-torn
How I wonder where you are

oogie2

In de tijden van Bones en Oogie leefde in het Nederlandse stadje waar ik opgroeide een dorpsgek: Dolf. Behalve dorpsgek had je ‘m ook filosoof kunnen noemen, want analoog aan Diogenes leefde hij in een betonnen buis. Dolf was bang voor “all the world and war-torn” en zocht zijn heil bij zijn vriendjes, de poppen. Hij ging over straat met drie á vier poppen in zijn hand – allen met steevast een sardonische grijns. Of hij reed ze rond in een wagentje. Dolf scandeerde door de straten: “Dag en nacht… poppenmacht!”

Dertig jaar later krijgt hij alsnog gelijk. Nu doen wij precies hetzelfde, met onze hang naar knuffels, Bert en Ernie-poppen en Jip en Janneke-figuurtjes. We zijn bang voor de boze buitenwereld en vluchten in ons veilige kinderwereldje.
Alles wat mooi en onschuldig is zien we verglijden, voorbijgaan. Vervallen als Coney Island, vervreemd als Bones en Oogie. We klampen ons vast aan de laatste strohalmen van onze jeugd.

oogie3

Zo ook in Ahoy, deze week. Hier werd jeugd herbeleefd, middels bijvoorbeeld Let’s Dance en China Girl. De man is zelf al 56 jaar, de fans 35-plus en ouder, maar toch schreeuwden ze als teenagers wanneer David Bowie tijdens het optreden eventjes hun kant opkeek. Of het nu kwam door incontinentie of door geilheid, er waren heel wat natte kruisjes die avond.
En Bowie? De handige performer gebruikte de nostalgische hits als garnituur om zijn nieuwe werk te presenteren. Hij knielde neer tussen de grijpgrage dameshanden en zong over het verglijden van de tijd, terwijl we Oogie over het videoscherm zagen stuiteren in een perverse karaoke.

Sailing over Coney Island
Twinkle twinkle Uncle Floyd
We were dumb but you were fun, boy
How I wonder where you are

Ik had even geen oog voor David Bowie. Ik dacht terug aan Dolf. “Dag en nacht… poppenmacht!” Aan Bolke de Beer en Jan Klaassen en Katrijn. Ik zag mezelf weer als 13-jarig jongetje, in net zo’n treurig reuzenrad als op Coney Island. Ik herinnerde m’n speelgoedinstrumentjes: een plastic mondharmonica en een trommel met een slap vel. De tranen stonden in m’n ogen.

stylophone

In het outtro van Slip Away bespeelde Bowie de stylophone, een elektronisch speelgoedinstrumentje uit de jaren zestig/zeventig waar magische klanken uit komen. Pas toen de laatste geluiden verstierven werden m’n dromen verstoord. De band zette keihard I’m Afraid Of Americans in, de wrede werkelijkheid van 2003.

Ach Dolf…
Watching all the world and war-torn
How I wonder where you are