Porcelain id – Bibi: 1

De Vlaamse Porcelain id wilde een plaat maken die het midden hield tussen alles van Nick Cave & The Bad Seeds en Yeezus van Kanye West. Dat is gelukt. Luister maar naar Bibi:1. Die staat vol bloedmooie melancholische liedjes in een tegelijk abstracte, experimenteel elektronische setting mét de impact van beide grootheden. Wederom blijkt: de redding komt uit België! (Ik kom hier nog op terug.)

Aan het werkstuk van de 25-jarige Hubert Tuyishime (die/hen/hun) gaat een geschiedenis vooraf. Hubert kwam op zijn zevende van Rwanda naar België, naar Itegem in Heist-Op-Den-Berg om precies te zijn. De ‘helaasheid der dingen’ daar werd inspiratie voor melancholische folksongs in het Vlaams. Die schreef zelfs een anthem/anti-anthem – onder de veelzeggende titel Vlaanderen – over hoe je als vluchteling niet welkom bent in een West-Europees land (Marjolein Faber, leest u mee?), met als cynisch refrein: “Want je hield van Vlaanderen / Maar Vlaanderen hield niet van jou”.

Antwerpse plaat
Inmiddels woont Porcelain id in Antwerpen, in Berchem om precies te zijn, en dat is goed te horen op deze plaat. (Behalve dan dat die vanwege internationale aspiraties (?) het Vlaams heeft achtergelaten. Nu zingt die in het Engels.) Bibi: 1 is gemaakt met Antwerpenaar Youniss Ahamad achter de knoppen. De hiphopper/electropunk is goed voor het Kanye West-gedeelte, kort door de bocht gesteld. Verder staat het album vol Antwerpse muzikanten. De albumhoes werd gefotografeerd op het Theaterplein en in de teksten zijn er shout-outs naar de skaters, het Mechelseplein en Sint Lucas. Maar vooral de geest van de stad klinkt door. Die is divers, multicultureel, genderoverschrijdend.


Vriend
De vriendschap wordt gevierd bij Porcelain id. Het stukje ‘Porcelain’ in diens naam staat voor de band Porcelain Dog die een vriend was begonnen, het stukje ‘id’ staat voor zijn genderfluïditeit. De albumtitel is een afkorting van de Arabische koosnaam Habibi, oftewel ‘vriend’, zoals fotograaf Adel Setta hen vaak noemde. (Dat er een 1 achter kwam, impliceert dat er ook een Bibi: 2 en eventueel 3 gaan volgen – zo onderstreept Porcelain id.)

Chet Baker-bas
De titel komt weer terug in de mooie opener Habibi (r u alone?), vol elektronische uitbarstinkjes en met de soulvolle stem van Emma Hessels op de voorgrond. Een nummer als Moon doet dan weer flink denken aan Tyler, The Creator of Blood Orange. Overstuurde noise en distortion is er volop in het nummer Reach Me/Reaching Higher. En heel bijzonder is de zang in het nummer Cellophane. Porcelain id nam frambozen tussen de tanden om het effect van een grill (de opzetstukken in je gebit die bijvoorbeeld ook Erykah Badu droeg) na te bootsen. Voor de song Brilliant kreeg bassist David Idrisov een bijzondere opdracht mee: Speel alsof Chet Baker geen trompettist was, maar een bassist. Hij kweet zich prima van die taak.

Brouwsel
Zwoele soul of lofi-rammelfolk, emo-trap, noiserock of harde hiphop. Of perfecte belgpop. Stijlen en stromingen buitelen over elkaar heen op Bibi: 1. Maar vaak sijpelt een gevoel uit diens jeugd in Afrika door de muziek. Porcelain id luisterde naar stapels slechtbewaarde VHS-banden met gospelmuziek en die klinken door op dit album. Cave en Ye werden al genoemd als invloeden. Yves Tumor en Radiohead mogen we ook noteren. Daarnaast bracht Youniss Ahamad niet-westerse klanken als oldschool Arabische muziek en Indiase percussie in. Zo ontstond al met al een uniek brouwsel. Dat komt live nog veel meer tot zijn recht!

Onvergetelijk
Ik zag Porcelain id voor het eerst in mei van dit jaar, in een bovenzaaltje in Arnhem. Ondanks het bescheiden succes van Bibi:1 en het feit dat die de Ancienne Belgique uitverkocht en op verschillende festivals in België (Pukkelpop) en Nederland (Best Kept Secret) stond, was er in Arnhem hooguit twintig man (m/v/x) publiek aanwezig. Het weerhield Tuyishime – plus toetseniste en drummer – er niet van om alles te geven op het kleine podium. Ze speelden Arnhem plat! Het werd een onvergetelijke ervaring. Net zo onvergetelijk als Bibi: 1, de meest avontuurlijke Belgische plaat sinds jaren. Laat nummer 2 en 3 maar snel doorkomen!

Alle beste albums van 2024:

Meis – Zwart/Wit

Wat weten we van Meis?

Dna

1. Met haar muzikale dna zit het wel goed. Aysha Meis de Groot is dochter van zanger Marcel en dus kleindochter van Boudewijn de Groot. Dat is te horen.

2. Met haar muzikale dna zit het wel goed. De 31-jarige Meis is zangeres bij en dus een van de drijvende krachten achter het geluid van Eefje de Visser. Dat is te horen. Eefje de Visser bracht dit jaar het album Heimwee uit, maar Meis solo vinden we interessanter.

3. Met haar visuele dna zit het ook wel goed. Net als FKA twigs heeft Meis zich bekwaamd in paaldansen (ik kom hier nog op terug). Dat is te zien. Zij tovert het om van plat erotisch vermaak voor dronken mannen tot feministisch statement. Het zijn alleen hele sterke vrouwen dit kunnen.

4. Met haar tekstuele dna zit het ook wel goed, sterker nog: Meis durft veel verder te gaan, zich veel meer bloot te geven dan haar opa. Voor haar debuutalbum Zwart/Wit schreef ze heel open over de aandoening waardoor ze al op jonge leeftijd haar maag preventief moest laten verwijderen. (“Ik ben op mijn 24e ont-maagd”, is haar vaste grap in interviews.) Want dat is een stuk minder leuk in haar dna: zowel haar oma als haar moeder zijn op jonge leeftijd overleden aan een zeldzame maar erfelijke vorm van maagkanker.

Songs

De afgelopen jaren maakte Meis er een elftal aangrijpende songs over. Die werden begin februari van dit jaar uitgebracht in een hoes met een confronterende foto van haar postoperatieve lichaam – ik kan het plaatje niet delen op LinkedIn want die vindt het te schokkend… De liedjes hebben allemaal titels van één of twee lettergrepen – Rond, Zonder, Zwart, Los, Voor/Door, Tussen, Anders, Lelijk, Fijn, Spijt en Rond/Uit) en kenmerken zich door een beetje experimentele, knisperende elektronica. Soms abstract, soms schurend. In de verte doet het wel denken aan LUWTEN. De arrangementen zijn spaarzaam. De fascinerende sound is mede te danken aan drummer/producer Nicky Hustinx (die we kennen van onder andere Wende, Weval, Aafke Romeijn en Eefje de Visser). Over die klanktapijten zingt Meis zweverig en met hese stem, een beetje omfloerst soms; inderdaad een beetje in de stijl van La Eefje maar verder onvergelijkbaar. De sfeer is teder en intiem. Het zijn intieme, breekbare liedjes.

Los

De wanhoop… de pijn… teleurstelling… Het is geen sinecure om een songcyclus over zo’n heftig onderwerp te maken, maar Meis slaagt met vlag en wimpel. Omdat ze heel direct is en ook luchtig uit de hoek kan komen. Soms is ze poëtisch, soms is ze nuchter. Ze wilde van Zwart/Wit geen loodzwaar egodocument van maken. Gelukkig niet. Ze zingt droogjes over haar littekens: “Kan je misschien niet zo staren, maar gewoon vragen?” En “Het spijt me dat het weer gaat over mij”, klinkt het op Spijt. Ze richt zich direct tot haar arts in Anders: “Zeg vandaag iets anders / Dat het straks niet door gaat.” Een van de sterkste nummers op het album is Los, een bloedmooi duet met Klangstof-zanger Koen van de Wardt. Het is een van de weinige songs waarin Meis weer hoopvol is. “We dansen en ik hoop weer dat het straks als ooit is / In je armen is het noodweer even niet te vinden / Laat me nooit meer los.”

Live

Voorlopig gaan we Meis niet live zien. Ze is op tournee met Eefje. Dat is mooi, maar ook wel jammer. De solo-optredens van Meis zijn spec-ta-cu-lair, omdat ze ook virtuoos is aan de paaldanspaal. Hopelijk pakt de zangeres snel weer een eigen project op. Wij kunnen niet wachten.

Alle beste albums van 2024:

Jan Jelinek – Social Engineering

Is dit de sprookjeswereld anno 2024? Door AI voorgelezen phishing mails, spam en reclame – over onmenselijke elektronische klanken – roepen een totaal nieuw universum op. Die voelt unheimisch en desolaat aan, maar is ook van een vreemde schoonheid.

“Please I need your help and assistance. Permit me to inform you of my desire of going into business relationship with you.” … “ERROR NUMBER 268D3! CRITICAL ALERT FROM MICROSOFT! YOUR COMPUTER HAS ALERTED US THAT IT IS INFECTED WITH VIRUS- AND SPYWARE!”… “I actually placed a software on the x-rated videos website – and you know what? You visited this site to experience fun – you know what I mean. While you were watching videos, your internet browser began functioning as a remote key logger which gave me access to your display screen.”’ … “Bitte öffnen sie das Document.” … “SELL YOUR ONE KINDNEY! Looking for kidney donor anywhere in world.” … “Did you know obesity kills more and more people every year. We know you hate the extra pounds.” … “Dear Sir Madam. Late Sister Dorothy Stang bequeathed a large sum to you in the codicil of her last will testament.” …

Iedereen krijgt dagelijks dit soort mails of popups. Als je slim bent, klik je ze meteen weg en delete je ze. Als je niet zo slim bent of je nieuwsgierigheid niet kunt bedwingen, klik op een link en wordt je computer doodziek. Sowieso zijn spam en phishing mails het schuim der aarde. Dit soort troep kun je missen als kiespijn. Maar de Berlijnse componist/producer/geluidskunstenaar Jan Jelinek ziet er juist schoonheid in. Zeker als de boodschappen op muziek worden gezet, hoe vreemd en onmenselijk die ook is (ik kom hier nog op terug).

Jan Jelinek experimenteert al decennialang met abstracte elektronische muziek, ergens op het snijpunt tussen techno en wat begin deze eeuw ‘clicks ’n cuts’ werd genoemd. Hij brak door in 2001 met het album Loop-Finding-Jazz-Records. Dat is opgetrokken uit – de titel zegt het al – jazzsamples, maar er is werkelijk niets jazzy’s aan. Zo is er ook werkelijks niets sociaals aan Social Engineering. Voor het stuk, gemaakt in 2022 en 2023 als radiohoorspel voor Südwestrundfunk maar pas dit jaar uitgebracht op plaat, selecteerde hij een aantal van deze kwalijke boodschappen – in Engels en in Duits. Fragmenten daarvan voerde hij in in spraakprogramma’s en andere kunstmatige intelligentie. Hij gaf ze een artificiële vrouwen- of mannenstem mee, of dubbele stemmen. Hij vertraagde, versnelde, stretchte. Soms haalde hij iets door een harmonizer of autotune. (De stemmen doen in de verte wat denken aan Fitter Happier op het album OK Computer van Radiohead, maar dan honderdduizend keer meer geavanceerd – logisch, de tijd heeft niet stil gestaan.)

De toonloos voorgelezen teksten begeleidde Jelinek met geheimzinnige elektronische ‘glitchy’ soundscapes. Die lijken ontdaan van elke menselijke bemoeienis, al zijn ze niet gereconstrueerd door AI – want dan zou de muziek meteen een stuk minder spannend zijn. Met dit soort glitch-ambient plaatst Jelinek zich in de traditie van landgenoten als Markus Popp van Oval en Uwe Schmidt (Pop Artificielle) of avantgarde Japanners als Nozomu Matsumoto en Alva Noto.

Het resultaat is een 36 minuten en 25 seconde durende geluidsinstallatie, opgedeeld in dertien stukken. Die is zowel fascinerend in klank als in tekst. Door ze zo uit te lichten, legt Jan Jelinek de nadruk op het impliciet komische woordgebruik en de kromme stijl die niet bedoeld is om ook maar iemand voor het hoofd te stoten. Dus mensen worden steevast sir/madam genoemd en er komen wensen voorbij als “and if you are a Christian: happy Easter Monday!”.

Maar wat het meest bijblijft is hoe desolaat en verlaten deze uithoek van cyberspace is. Dat wordt nog versterkt doordat stemmen en geluiden opeens vervormen of worden gestoord, als robots die vastlopen. Dit is pure digitale horror! Slechts één keer schijnt er een uitstapje naar real life te zijn: halverwege het nummer Social Engineering 3 (ALERT!) lijken we ons opeens op een chaotische markt ergens in Afrika te bevinden. Al keren we in Social Engineering 4 (A Mystery wants To Be Disclosed) weer snel terug naar de virtuele wereld. Over verontrustend rustgevende geluidsgolven worden we opgeroepen snel een PDF-je te openen.   

We waren er bijna ingetrapt…

Alle beste albums van 2024:

Nia Archives – Silence Is Loud

Van Goldie tot Grooverider, van Dillinja tot LTJ Bukem… de hoogtijdagen van jungle en drum ’n bass lagen halverwege de jaren negentig van de vorige eeuw. Die tijd heeft Nia Archives nooit meegemaakt. Toch is de 24-jarige dj/producer/singer-songwriter de leading lady van de wijdverspreide revival anno nu. Dat doet ze met verve… én met een gouden strotje. Niet voor niets wordt Nia de ‘Amy Winehouse van de drum ’n bass’ genoemd.

Dat is op zich al bijzonder. Jungle en drum ’n bass stonden bekend als redelijk geïsoleerde stromingen. Alleen David Bowie deed in de tweede helft van de jaren negentig een poging om de zware bassen en ratelende ritmes te integreren in solide popsongs. Dat was best geslaagd, luister het album Earthling nog maar eens terug.

Maar eigenlijk hebben we moeten wachten tot 2024 voordat underground jungle en drum ’n bass echt een huwelijk aangingen met andere stromingen als bijvoorbeeld neosoul en zelfs britpop. Enter Nia Archives en op naar de hitlijsten! Zelfs Fred Again… en Jorja Smith zijn fan.

De in Bradford, Engeland geboren Dehaney Nia Lishahn Hunt werd in de kerk opgevoed met een streng evangelie. Maar op de geluidsinstallatie van haar oma leefde ze zicht uit met jungle, afrobeat en soul. (Haar grootmoeder en haar tante hebben overigens nog steeds programma’s op het lokale radiostation van Bradford).

Vervolgens zette deze dame het mannenbolwerk – dat deze scene toch is – volledig op zijn kop! Nia Archives debuteerde in 2020 met de zomerse single Sober Feels en daarna bracht ze nummers en ep’s uit gevuld met een combi van heftige drum ’n bass en UK garage met Zuid-Amerikaanse bossanova-melodietjes.

In april van dit jaar verscheen haar debuutalbum Silence Is Loud, als opmaat naar een festivalseizoen waarin ze heel Europa voor zich wist te vinden. Ze zette bijvoorbeeld Down The Rabbit Hole en Pukkelpop op zijn kop. Maar ze is op haar best in kleine, zweterige zaaltjes – zoals eind dit jaar in de Melkweg Amsterdam – waar ze zich eerst ontpopt als underground dj voordat ze liedjes gaat zingen. Een zeer overtuigende opbouw!

Dat ze swag heeft, wordt sowieso snel duidelijk. De ‘next-gen junglist’ blinkt namelijk uit in het produceren van harde, snelle ADHD-beats. Als ze goed gas geeft, stuiteren de jungle en drum ’n bass onweerstaanbaar door de zaal. Het gaat allemaal nog een tandje sneller dan in de nineties, zo lijkt het wel. En dat wordt gewaardeerd: ‘godfather’ Goldie lacht zich rot op Silence Is Loud (hij heeft een cameo in het nummer Tell Me What It’s Like?).

Tussen alle hyperkinetische beats klinken catchy popsongs door. Nia Archives kwalificeert haar muziek als “modern-day punk music in a dance space”, en dat is tekenend voor dat ze verder kijkt dan de clubs. Ze laat zich – net als Rachel Chinouriri, die andere frisse dame van 2024 – ook inspireren door britpop en Lily Allen. Ze zingt ook een beetje als Lily, haar jeugdidool. Dat ze vergeleken wordt met Amy Winehouse is eerder vanwege haar vettige accent.

De plaat start in party-modus met het titelnummer Silence Is Loud. Wat een banger is dat! Maar tegen het einde is er een reprise van dat nummer (ik kom hier nog op terug). Dan vallen de beats opeens stil. Over een zachte sirene plus wat vreemde samples horen we alleen pianoklanken en de stem van Nia Archives. Dan valt op hoeveel soul die vrouw in haar stem heeft.  

Ze noemt zichzelf ‘emotional junglist’. In haar nummers gaat snelheid hand in hand met gevoelens en melancholie. Nia Archives navigeert langs thema’s als angsten, eenzaamheid en verwarring. Ze zingt over typische GenZ-gevoelens als “I feel so lonely, especially in crowded rooms”. Ze omschrijft in het nummer F.A.M.I.L.Y hoe ze vervreemdt van haar weinig begripvolle naasten. In uitsmijter So Tell Me… herhaalt ze keer op keer: “I get so stuck inside my head / This overthinking sends me west / Obsessed ‘bout everything you said / And what I could’ve said instead.” En in Nightmares zingt ze de frustraties over een ex van zich af. Ook weer zo scherp als Lily Allen. Nia zingt dan: “All of my friends hate you / To be fair, I do too”.

Ondanks de opbouw van openingsknaller naar reprise plus nog twee uitsmijters daarna, vormt het album geen eenheid. Daarvoor is het veel te fragmentarisch. Het stuitert alle kanten op. Precies zoals goede jungle moet doen!

Alle beste albums van 2024:

Bolis Pupul – Letter To Yu

Bolis Pupul maakte een album over de Chinese roots van zijn moeder. Die verscheen in maart op het label DEEWEE van de Belgische broertjes Dewaele. Die kennen we van Soulwax en 2ManyDJ’s. Dus de muziek van Popul houdt het midden tussen dansbare synthipop en melancholische ambient, ditmaal met oosterse invloeden. De plaat is tegelijkertijd een viering van het leven als een eerbetoon aan een overleden moeder!

Boris Zeebroek (1985) werd op school niet alleen gepest omdat hij zoontje was van een absurdistisch tekenaar en komediant (Luc Zeebroek/Kamagurka). Hij moest het vooral ontgelden vanwege zijn half-Chinese afkomst. Zijn moeder Yu Wei Wun kwam toen ze zeven jaar was met haar ouders vanuit Hong Kong naar België. Ze kwam in 2008 om het leven door een auto-ongeluk. Ze werd maar 48 jaar oud. Boris heeft haar tijdens haar hele leven nooit bevraagd over haar roots. Daar sprak je niet over. Pas tien jaar na haar dood trok hij naar de geboortestad van zijn moeder, om zo ook veel te leren over zijn eigen afkomst.  

Vanaf 2018 trok hij enkele malen naar Hong Kong. Hij bezocht onder andere de Ma Tau Wai Road in de wijk Kowloon, waar Yu Wei Wun is geboren. Bolis Pupul maakte geluidsopnamen in de straten en in de metro. Die verwerkte hij in de nummers op Letter To Yu (ik kom hier nog op terug). Pupul vond zijn moeder en zichzelf en tegelijkertijd ook weer niet. Dat stemt hem melancholisch. “This is where you were born 59 years a go / and I am finally here / why did it take me so long / I feel so sorry we couldn’t do this together”, zingt hij met een laag gepitchte stem in het openingsnummer Letter To Yu. Hij heeft ook Lost In Translation-achtige ervaringen in de wereldstad. Hij verstaat niks. Maar mensen denken wel dat hij een van hun is. “People talk to me like I’m a local / A sense of shame is my part/ I wish I spoke what they speak / So I could blend in easily”, klinkt het in Completely Half, waarin hij zich ook spiegelt met de situatie in België. Popul voelt zich nergens helemaal thuis. De plaat is heel intiem, mede doordat we aan het einde – in het prachtige nummer Cosmic Rendez Vous – ook Yu Wei Wun zelf horen. En op Ma Tau Wai Road zingt zus Sarah Yu Zeebroek – alias Salah Pupul – de leadvocals. (“Cantonese on the streets / Takes me back / Back to you / The temple ‘round the corner / Wrapped in haze / A touch of melancholy / Your soft embrace”)

De nummers zijn soms stemmig, maar nog vaker is het feest. We kennen Bolis Popul immers van de vrolijk ironische plaat Topical Fever, die hij maakte samen met Charlotte Adigéry (en die destijds hoog eindigde in mijn 22 van 22). Ook daarop was de invloed van de ‘broertjes fucking Dewaele’ goed te horen. Maar op Letter To Yu mengt Popul uiterst modern geproduceerde retro-synthipop met Oost-Aziatische invloeden a la Japan ten tijde van Tin Drum, Visions Of China en Canton of Ryuichi Sakamoto en Yellow Magic Orchestra (La Femme Chinoise zou gewoon op Yu Wei Wun kunnen slaan). Maar ook Kraftwerk en ABBA zijn nooit ver weg. Het is gemaakt voor de dansvloer: Bolis Popul klinkt vaak superstrak en superdwingend. Luister maar naar regelrechte ‘bangers’ als Frogs, het van Chinese samples doordrenkte Doctor Says of het instrumentale Spicy Crab (zo heet als de titel doet vermoeden). De field recordings uit Hong Kong maken de muziek alleen maar rijker. Zo horen we mensen kaartjes afstempelen voor de metro, kinderen zingen een wiegeliedje en er zijn allerlei conversaties in de trein – waar we niets van verstaan (Lost In Translation again).  

Tussen Gent en Honk Kong ligt precies een halve aardbol en de verbindende factor is Bolis Popul. Dat maakt Letter To Yu letterlijk en figuurlijk een wereldplaat! Daar kan zijn moeder trots op zijn…

Alle beste albums van 2024:

Kim Gordon – The Collective

Niemand is zo cool als Kim Gorden. Zeker als het ongemakkelijk wordt of abstract, als het gaat schuren, dan bloeit Kim op. De inmiddels 71-jarige bassist, gitarist en zangeres werd niet voor niets ‘the mother of grunge’ genoemd: al vanaf 1981 maakte ze experimentele noise in de pionierband Sonic Youth. De band stopte in 2011, net als haar huwelijk met SY-gitarist Thurston Moore. Maar Gordon bleef zichzelf vernieuwen… en bleef lawaaiig schuren.

Noise vormt een rode draad door haar carrière en The Collective vormt daarop geen uitzondering. Die fascinatie deelde ze met haar ex-echtgenoot, zo schrijft ze in haar memoires (Girl In A Band uit 2015): “Noise was an insult, a derogatory word, the most scornful word you could throw at music. Thurston said he wanted to reclaim the word noise, even though nobody really knew what a ‘noise band’ was or was supposed to sound like.” Sonic Youth zocht het in klankpartijen van gitaren die allemaal verkeerd gestemd waren. Solo zoekt Kim Gorden het tegenwoordig in trap- en hiphopbeats (ik kom hier nog op terug), industriële erupties en soms zelfs autotune. Ze gaan gepaard met de stereotype ingetogen ‘sprechgesang’ die we van Gordon kennen: toonloos en vlak, met veel valse lucht, afstandelijk misschien, maar zeker niet zonder zeggingskracht.

Soundcloud-rap

De liefde voor beats is niet helemaal nieuw, halverwege de jaren tachtig startte Sonic Youth een sideproject – Ciccone Youth – waarmee ze gestoorde hiphopversies van Madonna-klassiekers als Into The Groove speelden. In de verte doet het geluid van The Collective daar een beetje aan denken. Kim ging vorig jaar in zee met dezelfde producer die haar eerste solo-album No Home Record uit 2019 geluid gaf: Justin Raisin. Die is bekend van onder andere werk met Charli xcx, Lil Yachty en Drake. De allesoverheersende beats op The Collective zijn van zijn hand. Soms waren ze al af voordat de plaatopnames begonnen. Zo was de beat in opener BYE BYE oorspronkelijk bedoeld voor Playboy Carti. Samen met Gordon maakt Raisin er een dik geluid van, vol zware bassen en harde, scherpe klanken. Lekker lo-fi allemaal. De hithat-ritmes zijn complex als bij de beste Soundcloud-rappers. Dus eerder dan aan Jay-Z of Kanye West doet het geluid denken aan industrial hiphop-acts als Death Grips of de techno-terreur van Atari Teenage Riot (die een deel van hun naam uit een Sonic Youth-klassieker hebben overgenomen). Gitaren zijn er ook, maar ze zijn nauwelijks als zodanig te herkennen. Het zijn niet meer die uitwaaierende snarenmeanders van SY. Gordon en Raisin hanteren eerder een soort abstracte cutup-methode. Vervormde noise-explosies worden ritmisch geplakt.

Ennui

In haar teksten is zeventiger sterker dan ooit. Ze ageert tegen foute mannen, als ze cynisch in de huid kruipt en kweelt: “Giddy up! Giddy up! Don’t call me toxic, just cause I like your butt!” En even verderop doet ze een ode aan sterke vrouwen: de New Yorkse noise-collega’s Pussy Galore en de Russische punkiconen van Pussy Riot. BYE BYE is eigenlijk niet meer dan een rij artikelen die Gordon in haar koffer stopt als ze op reis gaat. Is dat bedoeld als commentaar op materialistisch denken of als een waarschuwing tegen aankomende dementie? Hoe dan ook, ze zingt het ‘boodschappenlijstje’ met een ironische sensualiteit zoals alleen Kim Gordon dat kan. De vervreemding van het moderne leven komt steeds terug, vol consumentisme en ennui. “Cement the brand!”, roept ze cynisch uit.  

De oude dame kiest niet voor nostalgie. The Collective is een wilde plaat geworden en overdaad in woord en klank. Maar het werkstuk ligt in de lijn van wat Gordon altijd al heeft gedaan – iets wat ze kernachtig omschrijft in het nummer Shelf Warmer… “The right stuff! No fluff!”

Alle beste albums van 2024:

(Red Hot Organization) TRA​​​И​​​Ƨ​​​A

Het begon allemaal met de cd Red Hot + Blue. Eind jaren tachtig kwam het eerste project van de non-profit organisatie Red Hot uit. Daarop zongen artiesten als Sinéad O’Connor, Tom Waits, David Byrne en U2 liedjes van Cole Porter. Het bekendst werd I Got You Under My Skin van Neneh Cherry, vanwege de videoclip maar ook vanwege de symboliek. Red Hot + Blue was bedoeld om geld op te halen voor de slachtoffers van de aidsepidemie en om awareness te creëren.

Bijna 35 jaar later haal je niet veel geld meer op met platen of cd’s. Maar Red Hot creëert nog steeds awareness. Met TRA​​​И​​​Ƨ​​​A willen producer Dust Reid en muzikante, model en activist Massima Bell de aandacht vestigen op de rechten en op de struggles van transpersonen. Dat zat al langer in de planning, maar de directe aanleiding was de dood van hyperpopproducer SOPHIE in 2022.

Ze vroegen meer dan honderd artiesten. Die werkten in verschillende samenwerkingsverbanden aan 46 liedjes, goed voor bijna vier uur muziek. Het werd een prachtige mix aan trans-artiesten en cisgender ‘allies’. Grote namen als Sam Smith, Sade, Wendy & Lisa Jeff Tweedy van Wilco, Kelela, Alan Sparhawk van Low, ANOHNI, Cassandra Jenkins, Pharoah Sanders (hij rust in vrede) en André 3000 doen mee, maar ook experimentele muzikanten als claire rousay, L’Rain en Jlin. Als je denkt dat het gaat duizelen, dat valt best mee. Bell en Reid hebben het zo geconstrueerd dat er wel degelijk een lijn zit in dit grote en veelzijdige project (ik kom hier nog op terug).

De naam van het project (die spreek je uit als “trahn-sa”) is ontleend aan een elpee uit 1972 van de Braziliaanse tropicalia-artiest Caetano Veloso. Dat album maakte Veloso in Londen, op de vlucht voor het fascistische regime in Brazilië. Het tweede nummer op de compilatie die op 22 november verscheen is ook van de hand van Caetano Veloso. You Don’t Know Me wordt voorgedragen door Devandra Banhart, Blake Mills en de oudste transpersoon die meedoet op de compilatie: de 80-jarige Beverly Glenn-Copeland.

Zo heeft bijna elk nummer een verhaal. ‘Queer punk’-pionier Jayne County brengt haar Surrender Your Gender uit 1974 opnieuw, ditmaal met onder andere Kathi Wilcox van Bikini Kill en Lee Renaldo van Sonic Youth. Er is een cover van Any Other Way, een hit uit de sixties van soulzangeres en een van de eerste transperformers Jackie Shane. L’Rain werkt samen met het New York Trans Oral History Project aan twee nummers van ANOHNI, die op haar beurt weer uitblinkt met een bewerking van Is It Cold In The Water? van SOPHIE. Ze doet het samen met Moses Sumney, die ook weer te horen is op een warme bewerking van Sylvester’s discoklassieker You Make Me Feel (Mighty Real) met een glansrol voor Sam Smith! En dan zijn er adembenemende covers van Deeper Understanding van Kate Bush (door onder andere Bill Callahan), Get Me Away From Here I’m Dying van Belle & Sebastian, Feels So Different van Sinéad O’Comnnor (door Sharon Van Etten en Ezra Furman) en Song To The Siren.

Ontroerend is de samenwerking van Alan Sparhawk met Mike Hadreas alias Perfume Genius. Ze spelen hun versie van de ontroerende Low-song Point Of Disgust, met Perfume Genius in de rol van de in 2022 overleden Low-zangeres Mimi Parker. Een andere dode ziel die rondwaart is die van jazzlegende Pharoah Sanders (ook overleden in 2022). Superproducer Arthur Baker bewerkte zijn laatste opnames tot een zogenaamde Love Hymn. En Wendy & Lisa keren terug naar het nummer waar ze in 1984 met Prince & The Revolution al op knalden: I Would Die For U, ditmaal gezongen door de Engelse transartiest Lauren Auder. Die geeft een hele nieuwe dimensie aan de openingszinnen. “I’m not a woman, I’m not a man / I am something that you’ll never understand.”

Maar het meest opvallend – en het meest ontroerend – is het nummer Young Lion van Sade. Het is haar eerste nieuwe materiaal sinds jaren. Sade Adu schreef het nummer voor haar transzoon Izaak. Ze heeft spijt dat ze er niet altijd voor hem was. Met haar loepzuivere als zwoele stem zingt Sade: “Young man, it’s been so heavy for you / You must have felt so alone / The anguish and the pain, I should have known.”

Die vier uur aan muziek komt verdeeld over acht cd’s/hoofdstukken die allemaal gaan over een facet in het leven van transpersonen: ze kregen titels mee als Womb Of The Soul, Survival, Dark Night, Awakening, Grief, Acceptance, Liberation en Reinvention. Ieder hoofdstuk opent met een nummer waarin ambient muzikanten samenwerken met spoken word-artiesten. Alleen al de 26 minuten durende trip van oud-Outkast-rapper en nu avantgardefluitist André 3000 is de moeite waard…

Zoveel prachtige momenten, zo veel verscheidenheid, zo veel verschillende geluiden… daarin schuilt de kracht van deze compilatie. Al die verschillende stemmen bij elkaar zetten een statement van jewelste neer!

Alle beste albums van 2024:

E L U C I D – REVELATOR

‘Revelator’ komt van ‘to reveal’: openbaren (ik kom hier nog op terug). De openbaarder is in dit geval E L U C I D. Die vormt samen met rapper billy woods het duo Armand Hammer, maar allebei zijn ze solo beter. billy woods haalde met Aethiopes mijn 22 van 22. Dit jaar is het de beurt aan E L U C I D solo. (Die spaties horen blijkbaar in zijn naam, net als billy woods zonder hoofdletters is.)

Veteranen billy woods en E L U C I D zijn al jarenlang voorman van de New Yorkse underground ‘abstract hiphop’. Zij trekken hun muziek op uit soundscapes vol noise, ambient drones, glitches en distortion. Laag over laag over laag geschoven, de hectische collages doen zelfs een beetje denken aan de beste platen van Public Enemy. Maar E L U C I D combineert die elektronica met live instrumenten, in casu drums van producer Jon Nellen en bas van Luke Stewart (die we kennen van de ‘avant jazz’ band Irreversible Entanglements). Zij vormen een mooie combi met de atonale industriële geluidstapijten die op REVELATOR worden opgetrokken. Het geeft de muziek wat meer body. Net als de zware basstem van E L U C I D overigens; hij kan klinken als een profeet die declameert uit de Openbaringen van apostel Johannes (in het nummer CCTV), maar ook als de bariton van een Barry White-achtige bedgenoot (SKP).

E L U C I D gaat op zijn derde solo-album REVELATOR ook fijne samenwerkingen aan met avantgarde-talenten als August Fanon, Child Actor, DJ Haram, The Lasso, Skech185 en uiteraard billy woods. Met z’n allen bouwen ze een sfeer op die zowel gedesoriënteerd is als geheimzinnig. En ook beangstigend. In opener THE WORLD IS DOG horen we naast hiphop ook elementen van punk en drum ’n bass. In CCTV horen we gitaren die zo lijken weggelopen bij stadsgenoten Swans. Maar er zijn ook dromerige tracks, zoals het synhi-gestuurde IKEBANA of het psychedelische 14.4. De laatste track – ZIGZAGZIG – is gemaakt in coöperatie met DJ Haram. Het is de meest denkbare industriële kakafonie ter afsluiting van E L U C I D’s ‘feestje’…

Waar heeft de openbaarder het zoal over? E L U C I D rapt over de horror van modern leven en de dagelijkse struggle in New York, maar ook over de genocide in Gaza. En soms over allebei tegelijk. Over een abstracte collage – het lijkt wel een verstoorde radio – stottert hij “my … landlord … is … a … zionist”. Hij heeft het over onderdrukking en slavernij. Mensen zijn “chess pieces tot he checkerboard, life-size”. Het is echter niet alleen ellende. E L U C I D praatzingt ook over zijn familie en de  kracht die hij daaruit put. Dan is hij prachtig poëtisch en rapt zinnen als “I squeeze my children’s hand and walk hard against the wind”. (Maar het moeten ook niet teveel familieleden slash kinderen worden, hahaha. Zijn meest geciteerde uitspraak op REVELATOR is: “I make gorgeous babies / But I’m done making N-words”.)   

Alle beste albums van 2024:

Personal Trainer – Still Willing

Personal Trainer; wat een geweldige naam heeft de band van Willem Smit toch! Ik zag ze begin 2023 in een zwetend zolderzaaltje. Ze hadden toen net hun debuutalbum Big Love Blanket uit. Eind 2024 zag ik ze in de uitverkochte grote zaal van Doornroosje in Nijmegen. Toen lag opvolger Still Willing in de schappen. Ik weet niet welk concert ik beter vond. Wat betreft de albums is de strijd allang beslist. De overwinning is voor Still Willing! De plaat blinkt uit in ‘van-zacht-naar-luid-liedjes’ (ik kom hier nog op terug).

In den beginne was Personal Trainer het soloproject van zanger, gitarist en songwriter Willem Smit. Hij nodigde verschillende gasten uit om op het podium zijn muziek te brengen. Van daaruit ontstond de zevenkoppige Amsterdamse formatie die we kennen van de albums en waarin Smits maat Casper van der Lans ook een centrale rol speelt. Tussen de concerten die ik zag is er veel gebeurd. Ze deden honderden optredens, waarmee ook Engeland werd plat gespeeld. Ze stonden op SXSW en werden daar ontdekt door labelbaas Simon Raymonde van Bella Union. Dus verscheen Still Willing deze zomer op het prestigieuze label. Voormalig Cocteau Twin Raymonde zag het goed. Het is een fantastische plaat geworden.

Die eerste plaat haalde in 2022 zowat alle eindlijstjes. Ik ben benieuwd of Still Willing dat ook gaat lukken. Persoonlijk vind ik dat Personal Trainer een veel volwassener plaat heeft gemaakt. Meer veelzijdig en meer verrassend. De opener Upper Ferntree Gully gaat over de Australische geboorteplaats van de moeder van Smit (ze is ook te horen in de samples aan het begin). Het nummer wordt soms aangeduid als ‘mini-rockopera’: in acht minuten gaat het van-zacht-naar-luid, langs allerlei stijlen en sounds, via lieflijke indie naar zware metal en grunge. Personal Trainers eigen Bohemian Rhapsody dus, maar veel kleurrijker en speelser dan de Top 2000-mastodont. Het nummer is symbolisch voor het album. Still Willing is een creatieve explosie, iedere track barst van de ideeën en vondsten. Maar Willem Smit en Casper van der Lans weten die altijd te gieten in coherente en catchy songs. Zo maakt Personal Trainer lekkere funkpop op Intangible, klinkt Round als Blur in de jaren negentig (inclusief wooo-hooo-koortjes) en is het lieflijke I Can Be Your Personal Trainer een bijna Beatlesque pop-shuffle. Het prachtige Testing The Alarm begint ontspannen, maar bouwt op tot een climax en eindigt in een lawaaiige finale. Zulke van-zacht-naar-luid-liedjes zijn typisch voor Personal Trainer, maar op You Better Start Scrubbing is het gewoon alleen maar lekker raggen met de meters in het rood. In de zaal wordt de moshpit opgestart.

De plaat sluit af met What Am I Supposed To Say About The People And Their Ways. Die vat nog één keer samen waar het bij Willem Smit cum suis om draait: de band is zowel luid, ruig en gruizig als zacht en bedachtzaam. En dat allemaal tegelijk. Personal Trainer is een prachtige paradox. Punt.

Alle beste albums van 2024:

Xiu Xiu – 13″ Frank Beltrame Italian Stiletto With Bison Horn Grips

“Zit je weer druistige muziek te luisteren?”, klinkt het regelmatig in huize Douma voor al meer dan twintig jaar. Meestal heb ik dan een plaat van Xiu Xiu opstaan. De avant-garde veteranen gaan ook al meer dan twee decennia mee. In september verscheen hun zeventiende album: 13″ Frank Beltrame Italian Stiletto With Bison Horn Grips, vernoemd naar een kostbaar kleinood – even wreed als schoon – in bezit van zanger Jamie Stewart (ik kom hier nog op terug).

Xiu Xiu (spreek uit Sjoe Sjoe) bestaat al jarenlang uit vaste kern Jamie Stewart en Angela Seo. Ze opereerden vanuit Los Angeles, maar dit jaar verkasten ze naar Berlijn voor nieuwe inspiratie. Dat is altijd een goed idee! Berlijn heeft de carrière van David Bowie ook ooit weer een boost gegeven. Bij Xiu Xiu leverde de verhuizing een van hun meest toegankelijke albums op. Al is ‘toegankelijk’ natuurlijk een relatief begrip binnen het bizarre oeuvre ergens in het midden tussen experimentele postpunk, industriële horror-noise, homo-erotische vaudeville, harde gothrock en eclectische elektropop. Goed, het is niet zo hermetisch en angstaanjagend als Angel Guts: Red Classroom, maar 13″ Frank Beltrame Italian Stiletto With Bison Horn Grips (vanaf hier houden we het op 13”) doet ouderwets in de gordijnen jagen. Heerlijk!


Luiken open
Wat was hun missie met 13”? “Stay ahead of disaster this time”, zo verklaarde Xiu Xiu eerder dit jaar. Dat is redelijk gelukt. De plaat begint heel rustig, met een even trieste als schemerige elektronische ballad die het werk van Scott Walker naar de kroon steekt. De ‘jankstem’ van Jamie Stewart voert je meteen weer het Xiu Xiu-universum binnen. Welkom in de hel. Door middel van triphop-beats, gothic disco, vleugjes reggaeton en riffs die niet zouden misstaan bij Led Zeppelin gaan daarna de luiken een beetje open. Xiu Xiu brengt nu ook nummers met een traditionele songstructuur! De single Common Loom zou je met een beetje goede wil zelfs ‘catchy’ kunnen noemen. Maar dan wel in een manische variant. Ik zie ‘m niet snel in een hitparade belanden. Veneficium is ouderwets opgebouwd uit dissonante klanken met daaroverheen een sausje David Lynch. De complexe audiocollage Bobby Bland kreeg een waas van free jazz over zich heen en het nummer Sleep Blvd. eindigt in een snelle elektronische spiraal.

Ruggengraat
Gecontroleerde chaos, zo kun je het geluid van Xiu Xiu het best omschrijven. De manische gedachtenspinsels van Stewart gaan perfect samen met de zweverige klanktapijten van Seo. Sinds het vorige album is er een nieuwe vaste kracht in de band: drummer David Kendrick (die onder andere trommelde bij Devo en Sparks). Hij geeft de muziek het skelet die het nodig heeft – ruggengraat zo u wil – waardoor 13” misschien ook wat toegankelijker klinkt. Het levert een balans op tussen experimenteerdrift en vakmanschap, die je bijvoorbeeld ook aantreft op The Downward Spiral van Nine Inch Nails of Halber Mensch van Einstürzende Neubauten.

Kop en staart
Ook tekstueel heeft 13” duidelijk een kop en staart. In de openingsballad steekt Stewart persoonlijk van wal. “I have done almost nothing right / my entire adult life / But having dared to touch the fire with you / breaks the chain of my being nothing too.” Echt koud krijg je het bij het slotnummer Piña, Coconut & Cherry. Ergens in een tweederangs hotelkamer schreeuwt Stewart het uit. Hij herhaalt hysterisch keer op keer: “You must love me, love me, love me! / This is mine! / You are mine!” Vervolgens vallen de als de jaren tachtig klinkende Giorgio Moroder-synthesizers langzaam weg…

Zo werd 13″ Frank Beltrame Italian Stiletto With Bison Horn Grips – naast een verwijzing naar de allereerste Xiu Xiu-plaat: Knife Play uit 2002 – precies de titel die de landing dekt: Prachtig elegant design en ambachtelijk handwerk, maar levensgevaarlijk in de handen van een manische geest.

Alle beste albums van 2024: