The Smile – A Light For Attracting Attention

Het avontuur begon in mei 2021 met een cryptische post op de Insta van Thom Yorke: een sinister gedichtje van Ted Hughes over een ‘smile’. Drie dagen later stond er een onbekende band op de benefiet-editie van Glastonbury en verklaarde Yorke de nieuwe naam: “Not the Smile as in ha ha ha, more the Smile of the guy who lies to you every day.” Het avontuur eindigde (vooralsnog) deze zomer met een aantal indrukwekkende optredens op festivals – bijvoorbeeld op Down The Rabbit Hole. We stonden ons aan de rand van het podium te vergapen. Alle fuzz was niet voor niets!

Want in de tussentijd was de geruchtenmachine over optredens van The Smile op gang gekomen. Geheimzinnig. Gedurfd. Opwindend. Er was een trits singles en het hoogtepunt was het verschijnen van het album A Light For Attracting Attention (wat een toepasselijke naam) in mei 2022. Het is het beste Radiohead-album sinds Amnesiac uit 2001. Alleen… het is geen Radiohead.

The Smile is wel de creatieve as van Radiohead: zanger/multi-instrumentalist Thom Yorke en gitarist/multi-instrumentalist Johhny Greenwood. De jeugdvrienden werken samen met jazzdrummer Tom Skinner – bekend van Sons Of Kemet en Floating Points. Een soort supertrio dus, en zeker geen spin-off. The Smile is meer dan de som der delen. Je zou het Radiohead-light kunnen noemen, maar dan in positieve zin. The Smile is op A Light For Attracting Attention veel lichter en speelser – en blijer! – dan de oude, zware band uit Oxfordshire. Melodieën en ritmes buitelen over elkaar heen. De energie en het spelplezier zijn hoorbaar in alles. Het is een verademing.

Is het dan ironie dat de plaat opent met het nummer The Same? Misschien. Het is het enige nummer waarop Yorke en Greenwood helemaal samen te horen zijn. Geen drums, geen blazers. No strings attached. Wel zacht pulserende synths. Het doet vaag denken aan Everything Is In Its Right Place op Kid A, decennia terug. Maar daarna slaat The Smile toch echt linksaf. Er is krautrock (We Don’t Know What Tomorrow Brings), er is onderkoelde afro-funk (geniet van dat baslijntje in The Smoke! – en dan die falset van Thom Yorke eroverheen: het is bijna Fela Kuti meets Marvin Gaye), er is een zweverige Thomas Dolby-ballad (Speech Bubbles roept herinneringen op aan The Flat Earth) en er is Sons Of Kemet-achtige springerigheid (The Opposite). The London Contemporary Orchestra heeft een grote rol op deze plaat. Alleen filmische ballads als Pana-Vision en Free In The Knowledge doen nog denken aan Radiohead-platen als OK Computer, maar dat geeft natuurlijk niet. Het is trouwens heeeel erg lang geleden dat er een meezinger als Free In The Knowledge uit de pen van Yorke kwam rollen. Een van de hoogtepunten op het album is de pure punk van You Will Never Work In Television Again, een keiharde #MeToo aanklacht tegen de vette Harvey Weinsteins, geniepige Voice Of Holland-coaches en Silvio ‘bunga bunga’ Berlusconi’s.

En dit heerlijke allegaartje werd deze zomer dus naar de grote podia gebracht. Het is even wennen voor het publiek, want Radiohead-klassiekers worden 0,0 gespeeld. Ook vergeten lijkt de stuurse houding die Thom Yorke met zijn oude band nog weleens op het podium had. Hij staat nu te grappen en de clown uit te hangen. Qua gekke dansjes steekt hij Talking Heads-zanger David Byrne naar de kroon. Op het podium staan twee sets met een batterij aan instrumenten. Daarop mogen Yorke en Greenwood zich uitleven. Beide wisselen bas, gitaar, piano, synths en allerhande effectapparatuur af, waarbij – en ook dat is een vertrouwd beeld! – Johnny Greenwood af en toe ook de strijkstok hanteert. Een derde set op het podium is helemaal volgebouwd met allerlei zware en lichte percussie-instrumenten. Hierop mag Tom Skinner helemaal loos gaan. Met z’n drieën meanderen ze zich door de vele ritmewisselingen, riffs en hooks van alle nummers op het album. De energie bouwt op en gaat liggen, bouwt op en gaat liggen. Het hele veld golft mee. Iedereen denkt: dit smaakt naar meer! En dat gaat er komen, zo bezweert Thom Yorke ons vanaf het podium. Een tweede plaat is in de maak.

Tot die tijd kunnen we ons vermaken met een live-album (opgenomen op het Montreux Jazz Festival). Of A Light For Attracting Attention nog eens op de draaitafel gooien.

Alle beste albums van 2022:

Jacaszek, Jan Kleefstra, Romke Kleefstra – It Deel I

Over de Kleefstra bros – dichter Jan Kleefstra en basgitarist/multi-instrumentalist Romke Kleefstra – kun je twee dingen zeggen. 1. Al jaren maken ze de mooiste experimentele soundscapes en minimalistische ambient-platen door samenwerkingen aan te gaan met nationale en internationale muzikanten. Dat gebeurt op basis van improvisaties en field recordings, waarover Jan Kleefstra in het Fries zijn spaarzame maar o zo mooie poëzie zachtjes ten gehore brengt. En 2. Al jaren maken vogelonderzoeker Romke en bestemmingsplannen-adviseur Jan zich druk over de teloorgang van de natuur, het verlies van biodiversiteit en de staat van Moeder Aarde – in hun eigen Friesland (ze zijn opgegroeid in het dorpje Akkrum) maar ook ver daarbuiten.

Nieuw leven
Onlangs gaven de broers een mooi interview aan Bouke Mekel voor het tijdschrift Gonzo Circus. Daarin vertellen ze over hun band met de natuur. Uiteraard vertelt Jan heel poëtisch: “Als ik zo meteen zou voelen dat ik nog maar een uurtje te leven heb, dan wandel ik hier het bos in. Dan kan ik daar gaan liggen en binnen de kortste keren ben ik onderdeel van de bosgrond en ontstaat er weer nieuw leven uit mij. Ik ben als mens niets anders dan de materie om mij heen, dus ik voel me daar één mee. Als het slecht gaat met het leven om me heen, dan gaat het ook slecht met mij. En dat is bij ieder mens zo en dat zie je nu ook met hoe wij met het leven omgaan.”

Kleinste eendje
Punten 1 en 2 komen altijd samen in hun werk. Dat leidde vanaf 2008 al tot de verschilde schoonheid van het project Piiptsjilling, met Rutger Zuydervelt alias Machinefabriek en Mariska Baars van Soccer Committee. (Piiptsjilling is trouwens de Friese naam voor wintertaling, het kleinste eendje van Europa.) Maar de Kleefstra bros werkten ook samen met grootheden als Gareth Davis, Peter Broderick en Nils Frahm.

Intiem optreden
Dit jaar zijn Jan en Romke Kleefstra begonnen aan het project It Deel. Het gaat om een reeks internationale samenwerkingen van een week. Die mondden uit in een intiem optreden in de Thomaskerk in Katlijk. Het hele proces wordt telkens vastgelegd op film. Het eindproduct verschijnt dan in kleine oplage als een mooi uitgegeven stukje vinyl bij Moving Furniture.

Aangewezen plek
De eerste gast die naar Friesland kwam was de Poolse componist en geluidskunstenaar Michal Jacaszek. (Die haalde in 2017 al eens mijn eindlijst met de betoverende plaat Kwiaty.) In hun samenwerking richten de drie zich op bomen, in het bijzonder die rond Katlijk’s buurdorp Oranjewoud. “Bomen krijgen een plek aangewezen en daar moeten ze zich maar mee redden”, zeggen de Kleefstra’s in het persbericht bij de plaat. “Ze zijn tientallen en honderden jaren gebonden aan die plek en geven zich daar aan over. En toch menen wij over het leven van die bomen te mogen beslissen en laten we hen lijden met al onze ingrepen in hun leefomgeving.” De Friese broers en de Poolse geluidskunstenaar wilden deze aantasting van de natuur vertalen in een positief verhaal.

Instant verliefd
Dat is vrij goed gelukt. Net zoals ik jaren terug instant verliefd werd op het werk van Piiptsjilling, werd ik dat een paar maanden geleden op het album It Deel I. (Dat overigens een hele mooie hoes kreeg, ontworpen door niemand minder dan Rutger Zuydervelt.) Die zachte stem van Jan Kleefstra… ik spreek nauwelijks Fries dus moet soms raden waar hij het over heeft – maar ik vóel wat hij bedoelt. Ik krijg er dikwijls kippenvel van. En dan de indringende schoonheid van de Friese veldopnamen en de improvisaties van Romke Kleefstra en Michal Jacaszek… het grijpt me zeker aan. De muziek is soms spookachtig, donker en koud. Er klinken soms strijkers vol suspense. Er is veel percussie, veel meer dan bij Piiptsjilling, maar ook dan bij Jacaszek alleen. Het is best wennen, deze muziek, en ook de vreemde – zeg maar ruige – productie. Maar een nummer als Twa Hannen is weer dromerig als vanouds. Net als afsluiter Under My De See, dat eindigt met een zingende vrouwenstem ergens in de verte. Het is prachtig en ontroerend.

Onder de huid
“In eerste instantie gaat het ons om iets moois aan de wereld toe te voegen”, zeggen de broers tegen Gonzo Circus over It Deel I. “Het neerzetten van een sfeer, waarbij je vervolgens even bij de mensen onder de huid kruipt zodat ze zich bewust worden van wat er gaande is.” Dat heeft hier goed uitgewerkt.
De broers zijn al weer een stap verder. Van de zomer werkten ze voor It Deel II een week lang met saxofonist Espen Reinertsen en trompettist Eivind Nordset Lønning, allebei uit Noorwegen. Ik weet zeker dat daar net zo’n intrigerend album uit gaat komen.

Alle beste albums van 2022:

Hinako Omori – a journey…

Zeg, kennen jullie 森林浴, oftewel shinrin-yoku? Het is een Japanse soort van mindfulness-therapie uit de jaren tachtig en de uitdrukking betekent zoveel als ‘baden in het bos’. (‘Forest bathing’ in het Engels klinkt alweer beter.) Je wandelt door een woud, dompelt je letterlijk onder in het groen en doet wat ademtherapie, yoga of meditatie. Neem tijd en aandacht voor elk blaadje, elk takje, elk beestje. Het helpt echt om de stress/angst/agressie in het jachtige dagelijks leven tegen te gaan. Shinrin-yoku verlaagt je cortisolspiegel en adrenalinepeil, dat is wetenschappelijk bewezen. Helemaal niet new age-achtig ofzo. (Alleen… NEE Doutzen Kroes, het kan geen kanker genezen.)

Reduce stress
Dit bosbaden vormt ook de inspiratie voor a journey… Dat is het intrigerende debuutalbum van de in Yokohama geboren muzikante en producer/soundengineer Hinako Omori. “Being in that environment reduces stress levels, it’s good for well-being, improving our memory and concentration, boosting our immune system and lowering blood pressure, among many other benefits – I wanted to incorporate that into the album”, zegt ze zelf.

Elektronica met aandacht
De Japanse kwam naar Engeland toen ze drie jaar oud was. Ze groeide op in Londen en studeerde sound recording aan de University of Surrey in Guildford. Ze werkte als sessiemuzikante voor onder andere KT Tunstall, Ellie Goulding, James Bay, maar ook voor Kae Tempest. In 2020 ging ze in retraite om op te nemen in Peter Gabriel’s Real World Studio’s, als onderdeel van het (vanwege corona online) WOMAD-festival.
De plaat die daar ontstond, duidt ze zelf aan als een ‘patchwork’ van ideeën en geluiden, vooral ontstaan door ‘happy accidents’. Ze heeft het ook over een ecologische benadering van sounddesign. Hinako Omori ging bosbaden in Chew Valley en de Wiltshire Fields vlakbij Real World, en in de Mendip Hills, een natuurreservaat bij Bristol. Uit Peter Gabriel’s studio nam ze een geavanceerde stellage mee van microfoons in een schedelvormige ruimte, om levensechte 360-graden geluidsopnamen te maken van wind die ruist door de bomen, van fluitende vogels en allerlei andere bosgeluiden. Die geluiden vormden de basis voor a journey… Hinako Omori combineerde ze met de klanken van analoge synthesizers, geïnspireerd door de stijl van Pauline Oliveros (wie dat is? – check de fantastische docu Sisters with Transistors over vrouwelijke synthesizerpioniers). Elektronica met aandacht, anders kan ik het niet aanduiden.

Niet abstract, niet new-age
De Japanse weet feilloos het gevoel van shinrin-yoku om te zetten in muziek. Hoe klanken en frequenties werken, daar heeft ze tenslotte voor doorgeleerd. “I’m very interested in sound therapy, brain entrainment and how certain frequencies can put our brain in certain states – alpha, beta, theta, delta”, vertelde ze eerder aan Magnetic Magazine. “Delta (0.5-4Hz) waves for example are said to contribute to deep restorative sleep and healing, and theta (4-7Hz) to creativity, intuition and emotional processing.”
Het resultaat is niet abstract of bestudeerd, maar gewoon adembenemend mooi. De muziek is rustgevend, hypnotiserend en verstild. Er klinkt geen wanklank. Verwacht echter geen cliché new-age muziek, a journey… staat vol originele geluiden en verrassende perspectieven. Het piept en het kraakt soms, maar het stoort nooit. Alles straalt en er stroomt alleen maar sonische warmte. Alles is schoonheid in de delicate wereld van Omori.

Zonnestralen van sound
Zo is het melancholische nummer Ocean doordrongen van zachte diepe drones, waaroverheen de vogels fluiten. Het nummer gaat vloeiend over in het opus magnum van de plaat: het verstilde Will You Listen In. De vogels lijken hier een duet aan te gaan met de prachtige stem van Omori, ze vullen elkaar aan en bouwen steeds meer op. Gekke zachte echo’s zorgen voor een vervreemdende onderlaag. The Richest Garden In Your Memory begint met een piano in de verte, met veel galm, en dan zingt de Japanse een gedicht van de bevriende Emily R. Grosholz. In het onwereldse titelnummer hoor je Hinako Omori’s vertraagde stem over flarden van synthklanken en zwemen van hoge vrouwenvocalen. “The mind works in such peculiar ways.”
Troostrijk, dat zijn ze! Deze zonnestralen van sound. Deze natuurgeluiden. Dat is deze wanklank-loze muziek. En dat is wat we nodig hebben in deze chaotische tijden. In deze vieze wereld. De muzikante lijkt zich dat zelf ook te beseffen. “Let me be your eyes / Let me guide your light through the darkness / I promise there’s a way”, zingt Omori op het laatste nummer, met haar zachte speelse sopraan, terwijl ze haar Moog synth laat klinken als een minimalistisch glockenspiel.

De weg van Hinako Omori is er een van groene schoonheid en van hele aardse pracht.

Alle beste albums van 2022:

Jasmyn – In The Wild

‘Wil ik nog wel muziek maken?’, vroeg de Canadese zangeres zich af. En bedacht vervolgens een springerige popplaat om samen met haar spiegelbeeld op te dansen.

Is dit alles? Oe-oe-oe-oe… Tot 2020 leidde Jasmyn Burke een prima leventje. Ze was succesvol als singer-songwriter en frontvrouw van de art-pop band Weaves. De band deed wereldtournees en stond onder andere op Glastonbury. Platen vielen overal in de prijzen. High brow-platforms als Pitchfork, NPR en de Guardian stonden te juichen en iemand als Elton John was fan. Dus dat. Bovendien leefde ze een soort van mondain leven in haar geboortestad Toronto. Maar Burke was toe aan iets nieuws, iets anders, iets met meer… ja wat eigenlijk? Jasmyn wist het niet.

Kernvraag
Ze besloot het lawaai en de stress van de stad achter zich te laten en verhuisde naar Hamilton, bij Lake Ontario. Naar het water. Trappen op de rem. Kalme golfjes. Zacht briesje. Tenen in het gras. Ondergaande zon. Dat werk. In de natuur voorkwam ze een burn-out. En zo kwam ze tot de kernvraag: Wil ik überhaupt nog wel muziek maken?

Wedergeboorte
“It was the beginning of a new version of me”, zou ze achteraf verklaren. Een wedergeboorte. En het antwoord op die kernvraag bleek een volmondig ‘ja’. Ze zette zich met open mind en frisse energie aan het schrijven. Haar pennenvruchten mailde ze heen en weer met producer John Congleton in Los Angeles. Die is bekend van onder andere St. Vincent, Angel Olsen, Erykah Badu en het wel erg fijne album Remind Me Tomorrow van Sharon Van Etten. Uiteindelijk kwam Jasmyn bij John in de studio opnemen.

Schot in de roos
Dat was een schot in de roos. Het album In The Wild klinkt als een tierelier: je reinste technicolour voor de oren. De ene keer spaarzaam, de andere keer swingend, dan weer licht theatraal, dan weer bruisend en bombastisch. De muziek is licht experimentele, maar o zo positieve punk-pop. De glittersynthesizers doen denken aan een band als The Shirts (ken je die nog? met dat zangeresje en die leuke hit: Tell Me Your Plans deze opname is uit TopPop). Eigenlijk is Jasmyn’s hele plaat vlot en vrolijk. Opwindend en uptempo. “I envisioned people dancing in the club in Europe or something”, zou ze achteraf verklaren.

Zelfvertrouwen
Het is grappig dat zo’n energieke plaat juist uit haar koker komt. Jasmyn kenschetst zichzelf als introvert. Maar op In The Wild draait het allemaal om beweging, verandering. De rust na de vlucht uit de stad. De introspectie gaf inderdaad nieuwe ideeën. Ze kreeg weer zelfvertrouwen en dat wilde ze ook weer overbrengen op anderen. “I wanted to create songs that would help people feel a type of confidence in themselves”, zou ze achteraf verklaren. Dat is zeker gelukt in een liedje als Purple Reflections. Dat lijkt in eerste instantie te gaan over iets esoterisch als een paarse chakra, maar eigenlijk is het een wild liefdesliedje voor de persoon aan de andere kant van de spiegel.

Eerlijk
Een enkel keertje is er wat ruimte voor melancholie – tussen de prachtige klanken van het licht psychedelische nummer Galaxy bijvoorbeeld (“Look at the stars / Believe the galaxy”). Maar Happy Tarot knalt er dan weer lekker in op 140 bpm. Opener Green Nature staat bol van de pulserende synths. Cruel Moon is het bombastische ding. De titeltrack is het favoriete nummer van Jasmyn zelf. Het is een lovesong voor de loners, over gitaarriffs die eindigen in een triomfantelijke crescendo (“Did you swim alone as a child? / Do you feel at home in the wild?”). Het is vooral een eerlijk nummer. “I feel like it represents both myself and hopefully other people that don’t always feel heard in this world. I’m most proud of that one. It’s special to me”, zou ze achteraf verklaren.

“I felt myself wanting to write music that created a mood of happiness and space to grow. I feel like I have grown and changed as a person over the last few years and wanted to write songs that created a sense of confidence and well-being”, zou ze achteraf verklaren.

Alle beste platen van 2022:

Björk – Fossora

Op 30 september 2022 bracht Björk Guðmundsdóttir haar tiende album uit. De plaat viert het leven, maar wij keren ons tot een oude IJslandse traditie. Als er iemand in de gemeenschap sterft, leest een priester daar een lijst aan feiten over de overledene voor. Hier zijn 22 redenen waarom Fossora zo’n fijne plaat is. Dat Björk nog maar lang moge voortleven!

1 – Het is boeiend om te horen hoe Björk opnieuw grenzen verlegt en toch zo’n eigen geluid blijft houden.
2 – Eindelijk krijgen vrouwelijke componisten/muzikanten de erkenning die ze verdienen. Eerder waren Carole King en Nina Simone aan de beurt. Dit jaar kreeg Joni Mitchell een reeks rereleases. En door de serie Stranger Things stond Kate Bush ineens weer in de spotlights. Terecht, maar bij deze vier vrouwen ging het allemaal om oud werk. Björk kwam met een nieuwe plaat.
3 – Toch kunnen we nog een beetje nostalgisch doen. Fossora doet qua sfeer en impact denken aan de eerste Björk-platen uit de jaren negentig, zoals Debut, Post en Homogenic. Er zit iets van dat techno-gevoel in. Soms valt er zelfs wat te dansen. Verwacht alleen geen hits à la Human Behaviour, Army Of Me of It’s Oh So Quiet.
4 –


5 – De plaat is letterlijk en figuurlijk een terugkeer naar IJsland. Die was een noodgedwongen. Björk bracht de lockdown door in haar vader-/moederland. Zo klinkt er 44 seconden traditionele IJslandse pure schoonheid op het nummer Fagurt Er Í Fjörðum.
6 – De plaat is gevuld met fijne samenwerkingen. We horen serpentwithfeet voorbij komen, Kasimyn van Gabber Modus Operandi, blazers van het Murmuri sextet en het Hamrahlíðarkórinn-koor waar Björk als kind in zong. Maar ook Björks zoon Sindri en haar dochter Ísadóra Bjarkardóttir Barney.
7 – Heeft Björk ooit een slechte plaat gemaakt? Welke experimentele kant de IJslandse ook op gaat, je kunt er altijd een kwaliteitsstempel op zetten. Het is een beetje vergelijkbaar met dat deuntje over die snoepjes in de jaren zeventig: “Rang is alleen Rang als er Rang op staat. RANG!” Dat wordt dan: “Björk is alleen Björk als er Björk op staat. BJÖRK!”
8 – Nog nooit klonk de zangeres zo ontroerend als in de drie liedjes over haar moeder: Sorrowful Soil en Ancestress en Her Mother’s House. Ze zijn een ode aan de hippiemama/activiste Hildur Rúna Hauksdottír die in 2018 overleed. Ze spaart haar niet, zingt over haar moeders dyslexie en homeopathische afkeer van dokters. Ze lijkt het over zichzelf te hebben als ze zingt: “She had an idiosyncratic sense of rhythm… she invends words and adds syllables”. Maar het meest ontroerend is als zij aan haar moeders sterfbed lijkt te zitten en zingt: “You did your best, you did well.” Je hart breekt.
9 – Björks vorige plaat – Utopia uit 2017 – was letterlijk luchtig en vooral gevuld met fluiten en blaasinstrumenten. Fossora (de titel is een niet bestaande vrouwelijke verbastering van het Latijnse woord voor ‘graver’) is juist heel aards. Veel donkere, zware geluiden. Het gaat over zoeken naar je wortels.
10 –


11 – Wie had dat gedacht? We horen zelfs gabber-beats op deze plaat! Het zijn vaak vertraagde gabberbeats en ze worden gecombineerd met een strijkorkestje en dat is prachtig. Deze heftige elektronische klappen worden geleverd door het Indonesische ‘gamelan en gabber ensemble’ Gabber Modus Operandi. Ze weten vooral het nummer Trölla-Gabba (what’s in a name?) lekker op te spicen.
12 – Vanaf het moment dat we in de jaren tachtig – door Deus en Birthday van de Sugarcubes – verliefd werden op de stem van Björk, is dat strotje eigenlijk niet veranderd. Hooguit is haar stem een beetje zwaarder geworden, maar die is nog net zo intrigerend neuzelig en kinderlijk gebleven.
13 – Muziek gaat van generatie op generatie. Tijdens de koorpartij in het allerlaatste nummer lijkt Björk de fakkel over te dragen aan haar dochter Ísadóra Bjarkardóttir Barney. De twee schreven het nummer samen, toen dochter het nest uitvloog. “When a mother wishes to have a house with space for each child / she is only describing the interior of her heart”, zingt Björk en daarna mag Ísadóra het overnemen.
14 – Je hoor het aan alles: Fossora heeft een fijne feministische fundering.
15 –


16 – Wat een bizarre mengeling van stijlen klinkt er op dit album. We horen eeuwenoude polyharmonieën, freejazz, symfonische kamermuziek, techno en gabber, gospel. En dat het liefst allemaal door elkaar.
17 – Oké, over de vroegste Björk-platen hebben we het gehad. Maar in de vele stemsamples klinken ook echo’s van haar meest onderschatte werk: het volledig a capella album Medúlla uit 2004.
18 – Ook intrigerend: Björk heeft het op deze plaat nogal eens over schimmels. Mycelia is het meervoud van mycelium, het ondergrondse dradenwerk dat verschillende schimmels verbindt. Is het een metafoor voor wat ze ook bezingt in het openingsnummer Atopos? “Our union is stronger than us / Hope is a muscle… that allows us to connect.” Een paar nummers later zingt ze over ‘fungal cities subterranean… sunken mystery’.
19 –


20 – De vreemde instrumentatie op dit album is weer erg Björkiaans. Zes basklarinetten, een hobo, een trommel en een fluit. Een trombone, violen en veel zangers. Plus een batterij elektronica.
21 – Langverhaalkort. Fossora is een hoopvolle plaat.
22 – Fossora is een sonisch wondertje. Geluid-technisch valt er genoeg te beleven. Björk raadt zelf aan om het album niet op de koptelefoon te luisteren, maar thuis op de speakers met het volume op tien. Dat gaat in IJsland wat makkelijker dan in het drukke Nederland, maar toch… gewoon doen!

Alle beste albums van 2022:

Coby Sey – Conduit

Londenaar Coby Sey staat bekend als een samenwerker. Hij is de man op de achtergrond op briljante platen van Tirzah, Mica Levi, Dean Blunt, Klein en Kelly Lee Owens. En samen met zijn vrienden Mica Levi en Brother May runt hij het label/music community CURL Recordings. Maar zijn debuutplaat Conduit is helemaal een ‘solo-effort’. Coby Sey schreef, speelde, arrangeerde, produceerde en mixte het album in zijn eentje. Dan is het dus niet zo gek dat het een hele persoonlijke plaat is geworden.

Conduit is volledig geworteld in Lewisham, Zuid-Londen – de buurt waar zijn grootouders uit Ghana zich in de vroege jaren zestig gingen vestigen, zijn ouders woonden en Coby opgroeide. Lewisham stond bekend als broeinest van ALCARAF, de Britse Black Panthers die opstonden tegen racisme en fascisme. Dat mondde uit in de gewelddadige rellen van augustus 1977 en de brandstichtingen in 1981, waarbij 13 immigranten omkwamen. De oom van Coby Sey wist net te ontkomen.
De Londenaar werkt al vanaf 2017 aan deze plaat en de acht tracks zijn zeker ook gevormd door Brexit, de verkiezingen die daarop volgden en de Covid19-pandemie. Het is dus niet zo gek dat Conduit niet perse een positieve plaat is geworden… maar ook niet perse negatief. Coby Sey is niet van zwart of wit, hij is van de vele tinten grijs daartussen (no pun intended).

Hoe die plaat dan klinkt, is lastig aan te duiden. In talloze recensies worden evenzovele labeltjes genoemd – hiphop, triphop, postpunk, industrial, dubstep, jazz, noise of experimental electronics – maar in een interview met The Quietus zegt Coby Sey dat hij zich vooral in het plakkertje ‘post grime’ kan vinden. Hij groeide tenslotte op met grime op zijn speakers. En noise. Coby Sey noemt het lawaai van Public Enemy en de Bomb Squad als inspiratie, maar ook Miles Davis in de jaren zeventig, Grouper en Sonic Youth. Hij ziet dat allemaal als noise. Daarnaast drenkte hij zich in dubstep en dreampop (zoals de Cocteau Twins). Voeg daar nog wat snufjes Tricky en Throbbing Gristle aan toe en de soul van Marvin Gaye. Dan heb je de kaders van Conduit wel zo’n beetje geschetst.

Sey zingt niet, maar brengt een soort spoken word. Dat doet ergens denken aan wat rappers in de jaren negentig deden op old-school triphopbeats. Coby Sey klinkt onderkoeld en onderhoudend, maar zeker niet vervelend. Hij weet je te boeien met meanderende teksten: stream of consciousness wordt dat in de poëzie wel genoemd. In het geluidspalet lijkt zijn stemgeluid een beetje om de muziek heen te draaien: soms zet Sey zijn eigen stem heel erg voorin de mix en dan weer zo ver weg dat je hem nauwelijks kan verstaan. Dat is bewust gekozen, zo vertelt hij aan The Quietus. Het is een verwijzing naar de stemmen in de samenleving die niet worden gehoord.

De muziek op Conduit verschilt erg in de acht afzonderlijke tracks. De plaat begint chaotisch en claustrofobisch – unheimisch – met industriële beats in overdrive en sirene-achtige geluiden, in Etym en Mist Through The Bits. In Permeated Secrets schakelt Coby Sey en tandje terug en brengt wat meer traditionele triphop. Maar in Dial Square (Confront) en Night Ride gaat hij weer helemaal los met gekke beats, bizarre samples en herhalende gruizige glitches. Hoogtepunt van de plaat is het ruim tien minuten durende Response, een opgefokte freejazz-jam die in één take is opgenomen. Het bouwt op en bouwt op en bouwt op, niet alleen muzikaal maar ook tekstueel tot het moment waarop Coby Sey alleen nog maar kan schreeuwen: “GET ACTIVE! GET ACTIVE! ACTIVE! ACTIVE! ACTIVE!”

Dat heftige nummer wordt vooraf gegaan en gevolgd door twee ambient-achtige tracks waar juist weer iets van hoop in doorklinkt: Onus en Eve (AnwummerE). Het zijn niet de sterkste tracks, maar wel een fijn dromerig evenwicht rondom al dat geknal. De plaat eindigt in een zachte regenbui. Alsof de straten van Lewisham worden schoongespoeld na die bloedige rellen.

Alle beste albums van 2022:

Animistic Beliefs – MERDEKA

Het Mexicaanse label NAAFI (No Ambition And Fuck-all Interest) heeft als missie om de westerse dansvloer te dekoloniseren. Nou, daar zijn ze in augustus mee geslaagd – met de release van de nieuwste van het Rotterdamse duo Animistic Beliefs. Het avontuurlijke MERDEKA won meteen de 3voor12 Award voor het beste Nederlandse album van het jaar.

Snoeihard
Die prijs is helemaal terecht. Wie een beetje had opgelet, had dat ook wel kunnen zien aankomen. Animistic Beliefs bracht al in 2019 een fijne plaat uit, werkte samen met de Haagse synthi-tovenaar Legowelt en levert al jaren de meest legendarisch obscure – en snoeiharde – dj-sets en liveshows (met als hoogtepunt dit jaar in de X-Ray op Lowlands).

Hartslag
Animistic Beliefs bestaat uit de Vietnamees-Chinese Linh Luu en de Moluks-Nederlandse Marvin Lalihatu, allebei queer en punk. Die mix van afkomst, identiteit en mentaliteit hoor je op een hele sprankelende manier terug op MERDEKA (‘vrijheid’ in het Indonesisch/Maleisisch). Ze combineren hardstyle, techno, drum ’n bass, IDM en eurohouse (ergens komt de associatie met 2Unlimited even om de hoek kijken) met de Zuid-Aziatische klanken van bijvoorbeeld de Indonesische Tahuri (een blaasinstrument gemaakt van een schelp), de gamelan-achtige Totobuang of de Tifa-drum (ook wel de ‘Molukse hartslag’ genoemd).

Hyper
Dit soort exotische toefjes hoor je wel vaker in elektronische dansmuziek en dan zijn het vaak goedkope foefjes. Een beetje opleuken. Maar Animistic Beliefs is nergens zo cliché. Dit is the real thing! Linh Luu en Marvin Lalihatu gaan terug naar hun jeugdherinneringen en de generatielange trauma’s van het westers kolonialisme, maar gieten dat in hele harde en futuristische electro-tracks. Het resultaat klinkt heel natuurlijk. Het duo creëert een organische nieuwe stijl en die is lekker rauw en chaotisch (ze zijn punk tenslotte), en soms een beetje ambient en poëtisch. Zo is er opeens een rustpuntje: het gedicht Khi Mình Gặp Lại (‘wanneer ik je weer zie’) voor de grootouders van Luu. Het album is vaak hyper, urgent en hoe dan ook altijd intens.

Alle beste albums van 2022:

Hendrik Lasure – Het Wiel

we worden allemaal ouder
krijgen allemaal vanalles op ons bord
sommige dingen zijn lekker en gezond sommige dingen slikken we zomaar door

De 25-jarige Hendrik Lasure (geboren in Brugge, nu wonend in Antwerpen) is een jazz-grootheid bij onze zuiderburen. Hij is toetsenist van SCHNTZL, het An Pierlé Quartet, Thunderblender en Tamino. Net zo makkelijk speelt hij eclectische artpop in Bombataz. Maar het was ook altijd zijn droom om een Vlaamstalig kleinkunstalbum te maken. (Want kleinkunst, dat is bij de Belgen geen vies woord.) Toen de wereld door corona tot stilstand kwam, greep hij zijn kans. Hij keerde terug naar zijn jeugd. “Als vanzelf begon ik te mijmeren over het verleden”, zo vertelde hij aan HUMO. “Daar kwamen teksten van in een ongepolijst Nederlands, de taal waarmee ik mijn vrienden aanspreek – en uiteindelijk ook songs.”

eerwaarde populier,
stoort het u dat ik hier wortel schiet?

Het werd een charmant project. Papa en mama Lasure mochten ook meespelen op de plaat van Hendrik, heel lief, hij op dwarsfluit, zij op klarinet. Jeugdherinneringen worden zo gestold in muziek. De songs op Het Wiel zijn kleine breekbare werkjes, soms traditioneel en soms tegendraads. Soms vrolijk, soms fragiel. Een beetje bloot, maar ook barok. De muziek houdt het midden tussen Spinvis en Schubert. Maar ook Sufjan Stevens en Joni Mitchell zijn nooit ver weg. En dan moeten we nóg iemand noemen: de hoge falsetto van Hendrik Lasure roept associaties op met zanger Jonsí van Sigur Rós.

breek mij in twee delen
opdat ik het met mezelf oneens kan zijn
breek mij in twee delen
opdat ik van mijn benen afstand nemen kan

Zelf ziet hij het allemaal niet zo hoogdravend, zo blijkt uit het interview met HUMO. “Het Wiel is een dwarse plaat met ouderwetse arrangementen geworden. De helft van de songs is geschreven op gitaar, een instrument dat ik niet beheers. Een pluspunt: ik kon me niet bezondigen aan onnodige virtuositeit. De Zeeuwse singer-songwriter broeder Dieleman was een van mijn voorbeelden.” Nou, dat is te horen.

knip me kort
tot de scalp bloedt
knel me vast
in mijn schoenen
ik wil wrijving voelen
knarsetanden
ik wil veranderen

De poëtische teksten zijn even bizar als ontroerend. Ze zijn eerlijk en openhartig, en af en toe komt er een diepe wijsheid voorbij. Liedjes gaan bijvoorbeeld over een autistisch jeugdvriendje (Pavel) of over een narcistische bruut à la Matthijs van Nieuwkerk (De Man Met Twee Gezichten). Ze gaan over Bethlehem of over Vrouwe Jaloezie. ‘Huil voor mij, lieve moeder’, zingt hij hier en dan weer over de betoverende Elisa daar. Een van de allermooiste liedjes is Wolkje, over een regenbui op hem alleen.

wolkje verschijnt stijgt op blokkeert
invallend licht dat altijd geeft
kamer volledig overspoeld
regen voor mij alleen

Alles op deze plaat ademt de sfeer van ‘mijn vlakke land, mijn Vlaanderenland’ – om met Brel te spreken. Alles is klein en vriendelijk: ‘frisz & sympathisz’ – om met Brood te spreken. Draai Het Wiel maar keer op keer op keer. Hier kun je uren van genieten. En hoe je dat het beste kunt doen? Hendrik Lasure: “Op een bank met een koptelefoon, terwijl je naar voorbijgangers kijkt.”

dus stap ik de deur maar uit
daar dwarrelt het eeuwig licht voor iedereen
blaas alles door elkaar o wind van bovenaf
verteer mij
bekeer mij
onteer mij, alsjeblief
verleer mij alles wat ik weet

Alle beste albums van 2022:

Mabe Fratti – Se Ve Desde Aquí

Fijnproevers zullen Mabe Fratti kennen van gelaagd opgebouwde albums als Pies Sobra La Tierra uit 2019 en Será Que Ahora Podremos Entendernos uit 2021. Zij kregen in 2022 heel wat anders voorgeschoteld door de zangeres, componiste, celliste en multi-instrumentaliste uit Guatemala die nu in Mexico City woont. Of dat de heren fijnproevers (m/v/x) beviel? Nou, mij wel! Het album Se Ve Desde Aquí – dat zoveel betekent als ‘het is vanaf hier te zien’ – is ontdaan van autotune, de ondoordringbare muur van synths en reverb is neergehaald en alles is veel minder gekunsteld dan voorheen. De muziek van Mabi Fratti ademt nu, is luchtig, speels. Maar nog steeds niet makkelijk. Er gebeurt zoveel! De improvisaties doen in de verte denken aan de beste experimentele werken van Björk, David Sylvian (Manafon) en David Bowie (Blackstar).

Geen overdubs. Puur natuur. Alles op eigen kracht. Het nieuwe Fratti-geluid is ruiger, meer ongepolijst, maar niet perse harder. Wel veel meer indringend. Dat begint meteen al in de instrumentele schets Con Esfuerzo dat het album opent. Een krassende cello, een piepende viool, een blikken drum. Ze zetten een macaber dansje in. Dwars door het tweede nummer, Desde El Cielo, voel je de wind waaien. ‘Fuera! Fuera!’ zingt Fratti. ‘Eruit, eruit.’ De improvisaties golven in intensiteit. Alle muzikanten lijken een andere weg op te gaan, maar uiteindelijk valt alles op z’n plaats. Daarmee is de toon gezet voor de rest van deze intuïtieve lappendeken. Een rustpuntje ligt in het lieflijke Algo Grandioso, waarin Fratti in woordloze strofen zingt. De plaat vindt een boeiend einde in het nummer Siempre Tocas Algo. Synthesizers kraken, de cello huilt en bulkt. Mabe Fratti zingt loepzuiver… en dan lijkt er ineens een koor van engelen los te barsten tussen de Tom Waits-achtige chaos. Mabe Fratti weet schoonheid te slepen uit de vreemdste kakofonieën.

Fratti nam Se Ve Desde Aquí op in haar huis in Mexico City en in de Progreso Nacional Studios aldaar, maar ook in de WORM Sound Studios in Rotterdam. Ze werd bijgestaan door Hugo Quezada van hippe synthbands als Exploded View en Robota. Andere ‘compañeros’ waren Héctor Tosta op gitaar en bas, Alina Maldonado op viool, Gibrán Andrade op drums, Jarrett Gilgore op sax en Carla Boregas van de Braziliaanse punkband Rakta speelde synths en tape-loops. Bij het ‘elektronicamuseum’ WORM kon Fratti helemaal loos gaan op vintage synths, zoals de KORG PS3200 en de CS60. In Mexico City nam ze de Mellotron, de CS50, de Jupiter, Solina en de KORG M500 op. “It was too much fun”, zo lachte ze. De Solina werd zelfs bij het vuilnis gevonden. Een andere kast werd gewoon als eettafel gebruikt.

Met al die vreemde combinaties en instrumenten, die open en eerlijke aanpak, heeft Mabe Fratti zichzelf overtroffen. Se Ve Desde Aquí is van de eerste tot en met de laatste klank fascinerend en bizar.

Alle beste albums van 2022:

Prins S en de Geit – Rood Staan Hard Gaan

Er was eens een prins… Er was eens een geit. De prins in dit sprookje is Scott Beekhuizen, die – volgens het verhaaltje op de website – woonde in een toren van wel 42 verdiepingen hoog, genaamd ‘Het Strijkijzer’. Ook componist en producer Marne Miesen ‘vond daar een veilig heenkomen’. Tijdens een potje pingpongen in de gemeenschappelijke ruimte liet Prins S. de producer zijn demo van het nummer Nacht horen. Samen met jeugdvriend Daniël Ortgiess maakten ze het nummer af. De Geit was gevormd! Daniël werd beatprofessor en Marne gitarist. Scott zanger en danser.

De wereld lag voor hen open! Begin 2022 waren Prins S. en de Geit de openbaring van het jaar op Eurosonic-Noorderslag. Festivals als Grasnapolsky en Appelpop volgden plus een uitverkochte clubtour. Nummers als Kinderboerderij (Keiblij) en Kan Je Niet Maken werden radio- en streaming hits. Maar zoals in elk sprookje gebeurt er dan iets ergs. Op 14 maart kreeg Marne Miesen op straat in Den Haag meerdere hersenbloedingen. Hij belandde in een coma. De verwachting was dat hij er niet, of anders als een kasplantje, uit zou komen. Scott en Daniël maakten het ontroerende nummer Zwarte Sneeuw in die onzekere tijd. “Wanneer kom je terug naar huis?”

Nou, Marne kwám naar huis. Hij herstelde sneller dan verwacht, leerde zichzelf weer gitaar spelen en stond gewoon op het podium tijdens Lowlands! Deze herfst kreeg het sprookje van Prins S. en de Geit nog een hoogtepunt. Op 25 november verscheen het debuutalbum Rood Staan Hard Gaan, een bundel van alle hits aangevuld met een paar nieuwe tracks.
En ze leefden nog lang en gelukkig.

Nee! Hiermee is het verhaaltje nog niet klaar. Want wat is dat Rood Staan Hard Gaan nu eigenlijk? Sowieso de opvallendste Nederlandstalige plaat van het jaar. Scott Beekhuizen – die vroeger dyslectisch scheen te zijn – pent de meest absurdistische dichtwerkjes neer. (‘Drs. P. aan de lsd’, kopte Het Parool al.) Quotes? …

“Op een feest de hele dansvloer onderbraken, kan je niet maken / Op je werk verschijnen met te strakke kaken, kan je niet maken”
“Sonja heeft last van d’r buik / even kotsen in een struik. / Oscar met z’n slagroomspuit / gaat niet voor- maar achteruit.”
“Als Rikkie een partijtje geeft, dan wil je dat niet missen / Rikkie heeft een schildpad en een hond en hagedissen / Rikkie heeft behang in alle kleuren van de regenboog / Roken kan, hij heeft een tuin, al woont hij wel op zeven hoog.”

… Het gaat allemaal over dolende zielen op weg naar het einde van de nacht: Kim, Stefan, Rikkie en Yousef. In de rij voor de club. Letterlijk huilend op de toiletten (tijdens de driekwart minuut Interlude.) In de snackbar. Op zoek naar het huis van Rikkie, waar de afterparty is. Met elkaar in bed (tijdens het über-poëtische Kladblok). En in het laatste nummer komt natuurlijk de zon op.

Het wordt allemaal gedeclameerd in een onvervalste Haagse tongval. De muziek is een lekker allegaartje van lompe dubstep, grimmige house, vrolijke elektropop, jarentachtigsynths en hiphop en hardstyle. Daaroverheen knalt Marne groovy met zijn gitaar. Het is alleen jammer dat de plaat zo kort duurt (iets meer dan een half uurtje) en dat Zwarte Sneeuw niet is opgenomen in deze bundel.

Voor de rest is Rood Staan Hard Gaan een wereldplaat. Zoals Prins S. en de Geit zelf zeggen: “Stream ‘m hard, je streaming abonnement heb je immers toch al betaald!”

Alle beste albums van 2022: